Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

Algemeen

Gemeente Bladel voert een solide financieel beleid. We doen geen uitgaven die we niet kunnen betalen en kiezen voor goede lange termijn investeringen. Door realistisch te begroten en regelmatig te rapporteren, houden we grip op onze financiën. We spannen ons in om de gemeentelijke lasten voor onze inwoners op een laag niveau te houden. 

De algemene dekkingsmiddelen vormen de financiële dekking van de beleidsvelden en van de overhead. Hoewel we de toeristenbelasting als algemeen dekkingsmiddel beschouwen is deze opbrengst (op grond van het BBV) verantwoord onder beleidsveld 3.3 Economie. Tot de algemene dekkingsmiddelen worden de onderstaande onderdelen gerekend:
a. lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is
b. uitkeringen uit het gemeentefonds
c. dividenden
d. saldo van de financieringsfunctie
e. overige algemene dekkingsmiddelen
f.  vennootschapsbelasting
g. onvoorzien en stelposten

Meerjarenprogramma

Onderuitputting kapitaallasten
In de raadsvergadering van 25 maart 2021 heeft uw raad de nota “activeren, waarderen en afschrijven van vaste activa 2021” vastgesteld. In deze nota was voor het afschrijvingsbeleid aansluiting gezocht bij het “Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader (GTK 2020)” van de provincie. Hierin is vastgelegd hoe Gedeputeerde Staten invulling geven aan het financieel toezicht met name wat de onderuitputting van de kapitaallasten betreft inzake nieuwe investeringen. Bij activering van een investering zal voor de toezichthouder in redelijkheid vast moeten staan, dat de gemeente in staat is om de volle jaarlasten binnen een structureel sluitende begroting van t+0 (eventueel op termijn binnen de meerjarenraming) te kunnen opvangen. In aansluiting op het toezichtkader van de provincie worden de kapitaallasten geraamd met ingang van 1 januari van het jaar waarin de investeringskredieten beschikbaar worden gesteld (t+0). Tevens wordt in het eerste planjaar (t+0) eenmalige onderuitputting geraamd op basis van dezelfde structurele (afschrijvings- en rente) parameters.
We hebben een handreiking ontvangen van de provincie waarin de structurele en incidentele baten en lasten nader verduidelijkt worden. Uitgangspunt is nu dat we onvoorziene omstandigheden vooraf niet meer kunnen ramen. Daarom kan onderuitputting kapitaallasten op begrotingsbasis niet meer geraamd worden. We gaan er daarom vanuit dat in het jaar van investeren de betreffende investeringen halverwege het jaar gereedkomen. We nemen daarom voortaan 50% van de kapitaallasten (in plaats van 100%) in het eerste jaar als structurele last op in de begroting. De nog geraamde onderuitputting van de kapitaallasten 2022 vervalt daarmee. De onderuitputting voor de jaren 2023 tot en met 2026 is reeds verwerkt in de ontwerpbegroting 2023.

De mutaties van het meerjarenprogramma hebben pro saldo het navolgende verloop:

omschrijving investeringen budgettaire lasten / baten
(bedragen x € 1.000,-) 2022 2023 2024 2025 2026 2022 2023 2024 2025 2026
onderuitputting kapitaallasten -132
totaal algemene dekkingsmiddelen -132

Bijstelling budgetten

Toelichting bijstelling budgetten

Verrekening kapitaallasten
Actualisatie kapitaallasten op basis van de geactualiseerde en bijgestelde investeringen. De lagere lasten worden voornamelijk veroorzaakt doordat een aantal investeringen niet meer of tegen een lager investeringsbedrag uitgevoerd worden. Het betreft met name de verschuivingen van investeringen Het Palet en van de voormalige praktijkschool. 

Onvoorziene uitgaven / stelposten
De post onvoorziene uitgaven is eenmalig verlaagd met € 6.000,-. Met deze verlaging worden eenmalige exploitatie uitgaven tot genoemd bedrag gedekt. 
In de reactie van het kabinet op het rapport van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) is toegelicht dat naast de hersteloperatie voor getroffen ouders en kinderen, ook maatregelen nodig zijn die structureel leiden tot brede verbeteringen in beleid en uitvoering. Onderdeel hiervan is het versterken van de dienstverlening bij alle onderdelen van de overheid, waaronder gemeenten. Het kabinet heeft besloten voor het versterken van de dienstverlening bij gemeenten en het extra ondersteunen van mensen in kwetsbare posities middelen beschikbaar te stellen. Deze middelen hebben we aangewend voor de dekking van een noodzakelijke formatie-uitbreiding als gevolg van de invoering van de Woo (Wet open overheid).  Zie ook "Overhead en ondersteuning organisatie".

Heffing en invordering gemeentelijke belastingen
Op basis van de ontvangsten in het 1e halfjaar 2022 wordt voor het jaar 2022 rekening gehouden met een hogere opbrengst wegens vervolgingskosten (aanmanings- en dwangbevelkosten).

Vennootschapsbelasting
Op basis van de voorlopige aangifte Vpb 2021 houden we rekening met eenmalige hogere afdracht van € 11.000,-.

Algemene uitkering
Betreft aanpassing van de uitkering uit het gemeentefonds op basis van de mei- en septembercirculaire 2022. Voor een nadere toelichting verwijzen u naar de raadsmededeling RM22.035 en raadsvoorstel R22.063. Per saldo leidt dat voor 2022 tot een aanzienlijke verhoging van de algemene uitkering ad € 2.397.000,-. De extra uitkeringen voor 2023 en volgende jaren zijn op basis van de meicirculaire overigens reeds verwerkt in de begroting 2023-2026. De extra uitkeringen voor 2023 en volgende zijn op basis van de septembercirculaire in de begroting 2023 verwerkt middels de 1e begrotingswijzing 2023.

Vrijdag 7 oktober jl. is een update van de septembercirculaire 2022 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) verschenen. De WOZ-waarden voor uitkeringsjaar 2023 en verder waren met een factor 2 te hoog geraamd in de septembercirculaire 2022. Het ministerie heeft daarom op 7 oktober jl. de juiste WOZ-waarden en de gevolgen voor de uitkeringsfactor gepubliceerd. De uitkeringsfactor wordt daardoor verlaagd met 8 punten. Deze correctie is van materiële invloed op het gepresenteerde meerjarenperspectief. Voor onze gemeente betekent dit dat de financiële consequenties van de septembercirculaire 2022 hierdoor structureel met € 240.000,- verlaagd moeten worden.
De verwerking van deze correctie zal door het ministerie van BZK eerst plaatsvinden in de decembercirculaire 2022. Wij hebben dit nadeel vooruitlopend hierop nu al verwerkt in de najaarsnota 2022.  

Daarnaast is door het Rijk besloten om reële compensatie te verstrekken aan de gemeente(n) wegens gederfde inkomsten als gevolg van corona. Op basis hiervan ontvangen we alsnog extra compensatie voor de lagere opbrengst toeristenbelasting 2021 ad € 120.000,-. Daarnaast daalt de algemene uitkering eenmalig in 2022 (afwikkeling vorige jaren) met € 24.000,-, omdat een aantal verdeelmaatstaven uit het vorige dienstjaar definitief vastgesteld zijn.

De autonome ontwikkelingen voor het bestaande beleid hebben pro saldo het navolgende verloop:

omschrijving i/s budgettaire lasten / baten
(bedragen x € 1.000,-) 2022 2023 2024 2025 2026
diverse structurele mutaties s v 2.359 n -226 n -177 n -177 n -208
diverse incidentele mutaties i v 85
mutaties alg.dekkingsmiddelen v 2.444 n -226 n -177 n -177 n -208
(- = nadeel en + = voordeel)

Stand van investeringen 2022

Niet van toepassing.

Samenvatting financiële consequenties

Na de hiervoor genoemde (doorlopende) activiteiten volgt in onderstaand overzicht “Wat het mag kosten?”

Bedragen x € 1.000,- raming 2022 raming 2023 raming 2024 raming 2025 raming 2026
Lasten
bestaand beleid n -77 v 34 v 75 v 82 v 44
meerjarenprogramma 2022-2026 n -132
Totaal Lasten n -209 v 34 v 75 v 82 v 44
Baten
bestaand beleid v 2.521 n -246 n -239 n -239 n -239
meerjarenprogramma 2022-2026
Totaal baten v 2.521 n -246 n -239 n -239 n -239
Exploitatieresultaat v 2.312 n -212 n -164 n -157 n -195
Mutaties reserves
Saldo mutaties meerjarenbegroting v 2.312 n -212 n -164 n -157 n -195
(- = nadeel en + = voordeel)