Begroting op hoofdlijnen

Het financieel beeld in één oogsopslag

Terug naar navigatie - Begroting op hoofdlijnen - Het financieel beeld in één oogsopslag

Omschrijving (toelichting)

De meerjarenraming tot en met 2030 begint met het structurele bestaande beleid (zie regel 1. van de onderstaande tabel). Bij de incidentele baten (onder regel 2) moet u denken aan zaken als grondverkopen buiten grondexploitaties en winstuitnames grondexploitaties. In de regels 3 en 4 worden de lasten van het nieuwe beleid opgenomen. In regels 5 en 6 zijn de lasten van het College Uitvoeringsprogramma (CUP) opgenomen. Het begrotingsresultaat na invulling van het nieuwe beleid en CUP is weergegeven onder regel 7, verdeeld naar structureel (7a) en incidenteel (7b) begrotingsresultaat. In de regels 8, 9, 10 en 10a ziet u de verwachte ontwikkeling op basis van geplande stortingen en onttrekkingen in en aan reserves.

Excel-tabel

(bedragen x € 1.000,-) 2026 2027 2028 2029 2030
beschikbare ruimte
1. saldo bestaand beleid structureel n -3.233 v 80 n -1.385 n -341 v 303
2. saldo bestaand beleid incidenteel n -659 v -37 n 37 n 37 v 86
totaal beschikbare ruimte (1 + 2) n -3.892 v 43 n -1.348 n -304 v 389
geplande nieuwe uitgaven
3. structurele lasten meerjarenprogramma v 38 v 59 n -567 n -656 n -1.750
4. incidentele lasten meerjarenprogramma
5. structurele lasten CUP n -23 n -23 n -23 n -23
6. incidentele lasten CUP -72 n -555 n -385 n n
totaal netto nieuwe uitgaven (3 + 4 + 5 + 6) n -34 n -519 n -975 n -679 n -1.773
7. totaal begrotingssaldo (1 t/m 6) n -3.926 n -476 n -2.323 n -983 n -1.384
7a. waarvan structurele uitgaven en inkomsten n -3.195 v 116 n -1.975 n -1.020 n -1.470
7b. waarvan incidentele uitgaven en inkomsten n -731 n -592 n -348 v 37 v 86
(- = nadeel en + = voordeel)
reserves
8. beoogde stortingen in reserves n -3.852 n -456 n -478 n -8.868 n -356
9. beoogde onttrekkingen aan reserves v 6.065 v 2.359 v 1.276 v 9.920 v 1.569
10. saldo beoogde mutaties voor resultaatbestemming v 2.213 v 1.903 v 798 v 1.052 v 1.213
10a. Verrekening begrotingsresultaten met algemene reserve v 3.926 v 476 v 2.323 v 983 v 1.384
totaal beoogde mutaties reserves na resultaatbestemming v 6.139 v 2.379 v 3.121 v 2.035 v 2.597
(- = storting en + = onttrekking)

Overzicht van de kosten en baten in 2027

Terug naar navigatie - Begroting op hoofdlijnen - Overzicht van de kosten en baten in 2027

Kosten - Waar gaat het geld naar toe?
De gemeente besteedt in 2027 € 83,015 miljoen aan de uitvoering van al haar taken. Dit is inclusief de nieuwe voorstellen en de dotaties aan de reserves. In het overzicht staat hoe de totale uitgaven zijn verdeeld over de elf programma's. Pro saldo resteert er een begrotingstekort van € 476.000.

Opbrengsten - Waar komt het geld vandaan?
De gemeente ontvangt in 2027 € 83,015 miljoen. Dit is inclusief de nieuwe voorstellen en de onttrekkingen aan de reserves. De belangrijkste inkomstenbronnen zijn de algemene en de specifieke uitkeringen die de gemeente van het Rijk ontvangt. Daarnaast zijn de onroerende zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing, de toeristenbelasting, de leges en de opbrengsten uit de grondexploitaties de grootste inkomstenbronnen. Waarbij opgemerkt dient te worden dat de leges, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing 100% kostendekkend zijn.

programma (bedragen x € 1.000,-) kosten % van totaal opbrengsten % van totaal
0. Bestuur en ondersteuning -2.788 3,36% 997 1,20%
1. Veiligheid -2.614 3,15% 108 0,13%
2. Verkeer en vervoer -3.805 4,58% 77 0,09%
3. Economie -869 1,05% 1.870 2,25%
4. Onderwijs -2.553 3,08% 12 0,01%
5. Sport, cultuur en recreatie -6.478 7,80% 931 1,12%
6. Sociaal domein -34.967 42,12% 4.851 5,84%
7. Volksgezondheid en milieu -8.222 9,90% 5.714 6,88%
8. VHROSV -10.643 12,82% 8.811 10,61%
9. Overhead -8.853 10,66% 94 0,11%
10. Algemene dekkingsmiddelen -1.243 1,50% 57.193 68,89%
Geraamd saldo van baten en lasten -83.035 100,02% 80.656 97,16%
Reserves
Beoogde stortingen in reserves -456 0,55%
Beoogde onttrekkingen aan reserves 2.359 2,84%
Geraamd resultaat 476 -0,57%
Totaal programma's -83.015 100,00% 83.015 100,00%

Lastendruk

Terug naar navigatie - Begroting op hoofdlijnen - Lastendruk

De lokale lastendruk voor de inwoners wordt bepaald door de onroerende zaakbelastingen (OZB) en de riool- en afvalstoffenheffing. De OZB-tarieven worden in eerste instantie verlaagd als gevolg van de verwachte waardeontwikkelingen per 1 januari 2026. De OZB-tarieven worden daarna verhoogd met een indexatie van 1,9%. De netto gevolgen van deze verhoging voor elke individuele huiseigenaar hangt af van de waardeontwikkeling van de woning.

In totaliteit stijgt de lastendruk voor inwoners in 2027 met gemiddeld ca. € 40 voor een meerpersoonshuishouden van 4 personen ten opzichte van het jaar 2026. Dit komt neer op een stijging van circa 4,2%. Voor een huishouden met 2 personen stijgt de totale lastendruk met gemiddeld ca. € 32. Dit komt op een stijging van circa 3,9%.

De toeristenbelasting wordt in 2027 verhoogd met € 0,16 per overnachting voor zowel vaste als mobiele onderkomens. Voor beroepsmatig verblijf van 60 dagen of langer in een belastingjaar betreft dit 50% van het reguliere tarief voor vaste onderkomens. De toeristenbelasting wordt geheven op personen die tijdelijk in de gemeente overnachten en niet staan ingeschreven in de gemeente.