5.1 Balans

Balans per 31 december 2025

Balans activa

Terug naar navigatie - Balans per 31 december 2025 - Balans activa
ACTIVA (bedragen x € 1.000,-) Ultimo Ultimo
2025 2024
Vaste activa
Immateriële vaste activa 8.855 8.570
Materiële vaste activa 127.414 114.482
Financiële vaste activa 2.393 1.918
Totaal vaste activa 138.662 124.970
Vlottende activa
Voorraden 8.312 6.935
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 14.634 19.602
Liquide middelen 156 204
Overlopende activa 5.188 3.470
Totaal vlottende activa 28.290 30.211
Totaal activa 166.952 155.181
Verliescompensatie krachtens de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (art 40b) 112

Balans passiva

Terug naar navigatie - Balans per 31 december 2025 - Balans passiva
PASSIVA (bedragen x € 1.000,-) Ultimo Ultimo
2025 2024
Vaste passiva
Eigen vermogen 45.349 45.215
Voorzieningen 10.888 9.825
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer 91.523 71.188
Totaal vaste passiva 147.760 126.228
Vlottende passiva
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 6.616 18.187
Overlopende passiva 12.576 10.766
Totaal vlottende passiva 19.192 28.953
Totaal passiva 166.952 155.181
Gewaarborgde geldleningen 47.978 48.021

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Grondslagen

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling - Grondslagen

De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de “Financiële verordening gemeente Bladel 2025”, waarin door de gemeenteraad op 18 december 2025 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld.

De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de gemeente.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
Waardering van passiva en activa alsmede de bepaling van het resultaat vinden in principe plaats op basis van historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij in deze grondslagen anders is vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar hebben geleid. Baten en lasten, waaronder ook begrepen de heffing van de vennootschapsbelasting, worden daarbij verantwoord tot hun brutobedrag. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Deelnemingen worden tegen de verkrijgingsprijs gewaardeerd. Dividenden zijn verantwoord in het jaar waarin het besluit tot toekenning van het dividend door de Algemene vergadering van de vennootschap is genomen.

Met betrekking tot de verwerking van de algemene uitkering heeft de commissie BBV een stellige uitspraak gedaan. Deze uitspraak houdt in dat in de jaarrekening de algemene uitkering wordt opgenomen conform de in het laatst gepubliceerde accresmededeling, die doorgaans is opgenomen in de septembercirculaire van het boekjaar. 

Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen casu quo schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaats vindt. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt dan ook geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. Omdat er voor verlofsparen en overmatige verlofsaldi sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, dient daarentegen wel een voorziening gevormd te worden.

De algemene uitkering is opgenomen conform de best mogelijke schatting gebaseerd op basis van de laatst beschikbare informatie. Ten aanzien van het component aangaande de accresmededeling wordt deze opgenomen conform de in verslagjaar t laatst gepubliceerde accresmededeling. Doorgaans is deze accresmededeling opgenomen in de septembercirculaire. 

De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn opgenomen in de nota “waarderen, activeren en afschrijven van vaste activa 2026”, zoals door de raad vastgesteld in zijn vergadering van 26 februari 2026. Voor de gehanteerde afschrijvingstermijnen en restwaardes wordt verwezen naar bijlage 1. Slijtende investeringen worden met ingang van 1 januari volgend op het moment van ingebruikneming in beginsel lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur. Bij woningen, (sommige) bedrijfsgebouwen en vervoersmiddelen wordt een restwaarde gehanteerd en er worden geen financiële derivaten gehanteerd. Afschrijvingen geschieden daarnaast onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Op gronden wordt niet afgeschreven, tenzij de grond deel uitmaakt van een investering in de openbare ruimte met maatschappelijk nut. Eventuele boekwinsten bij inruil of afstoting van een kapitaalgoed zijn als incidentele bate in de jaarrekening verwerkt. 

De lasten samenhangend met de uitvoering van klein en groot onderhoud, bodemsaneringen en het baggeren van watergangen zijn niet levensduur verlengend en zijn daarom niet geactiveerd, maar direct ten laste van de exploitatie of de gevormde voorziening gebracht.

In het overzicht van incidentele baten en lasten zijn per programma de bedragen > € 25.000 opgenomen, welke een incidenteel karakter hebben.

Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid 2025. Dat betekent dat:

·         De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;

·         De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat:

o    Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 18 december 2025 door de raad is vastgesteld;

o    Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld of dat daar corresponderende baten of lasten tegenover staan..

o    Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.

·         De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat:

o    Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 1.501.000) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;

o    Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.

Stelsel- of schattingswijziging
In 2025 heeft er geen stelsel- dan wel schattingswijziging plaatsgevonden ten opzichte van 2024.

Duurzame waardevermindering van vaste activa
Afwaardering van bedrijfseconomisch vastgoed vindt plaats indien de directe opbrengstwaarde lager is dan de boekwaarde. Lagere taxatiewaarden dan de boekwaarden van onroerende zaken zijn hierbij als duurzame waardedaling in aanmerking genomen. Afwaardering van maatschappelijk vastgoed vindt plaats indien de directe opbrengstwaarde lager is dan de boekwaarde en er ten opzichte van de huidige functie geen (bestuurlijke) intentie is voor duurzame exploitatie.

Buiten gebruik gestelde vaste activa
Indien een vast actief buiten gebruik is gesteld, heeft op het moment van buitengebruikstelling een afwaardering van de boekwaarde plaatsgevonden naar de lagere restwaarde.

Hieronder is bij de diverse onderdelen van de vaste activa een toelichting gegeven.

Balans

A. Vaste Activa
Vaste activa zijn voor langere tijd vastgelegde vermogensbestanddelen die niet op korte termijn in liquide middelen zijn om te zetten en die bedoeld zijn om de uitoefening van de werkzaamheid van de gemeente duurzaam te dienen. De vaste activa worden onderscheiden in de immateriële, de materiële en de financiële vaste activa.

I. Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten), verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen van derden, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen.

De kosten van het sluiten van geldleningen (inclusief de betaalde boeterente) en het saldo van agio en disagio worden afgeschreven gedurende de restant looptijd van de betrokken lening.

De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief zijn onder de volgende voorwaarden geactiveerd:
- Het voornemen bestaat het actief te gebruiken of te verkopen.
- De technische uitvoerbaarheid om het actief te voltooien staat vast.
- Het actief in de toekomst economisch of maatschappelijk nut genereert.
- De uitgaven die aan het actief toe te rekenen zijn, zijn betrouwbaar vast te stellen.

De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden volledig afgeschreven in maximaal vijf jaar (artikel 64 lid 5 BBV).

De onder de kosten van onderzoek en ontwikkeling geactiveerde voorbereidingskosten voor grondexploitaties voldoen aan de volgende voorwaarden:

o    de kosten passen binnen de kostensoortenlijst (artikel 6.2.4) van het Bro en

o    de kosten blijven maximaal vijf jaar geactiveerd staan onder de immateriële vaste activa. Na maximaal vijf jaar hebben de kosten geleid tot een actieve grondexploitatie, dan wel worden deze afgeboekt ten laste van het jaarresultaat en

o    plannen tot ontwikkeling van de grond waarvoor de voorbereidingskosten worden gemaakt, hebben bestuurlijke instemming, blijkend uit een raads- of – indien gedelegeerd – collegebesluit.

Bijdragen aan activa in eigendom van derden worden geactiveerd indien aan de volgende vereisten is voldaan:

o    Er is sprake van een investering door een derde.

o    De investering draagt bij aan de publieke taak.

o    De derde heeft zich verplicht tot het daadwerkelijk investeren op een wijze zoals is overeengekomen.

o    De bijdrage kan door de gemeente worden teruggevorderd, indien de derde in gebreke blijft of de gemeente anders recht kan doen gelden op de activa die samenhangen met de investering.

Op de geactiveerde bijdragen aan activa in eigendom van derden wordt afgeschreven, waarbij de afschrijvingsduur maximaal gelijk is aan de verwachte gebruiksduur van de activa (bij derden) waarvoor de bijdrage aan derden is verstrekt.

II. Materiële vaste activa 
Materiële vaste activa zijn fysiek aanwezige activa. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten (waaronder overheadkosten), verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Het BBV kent de volgende soorten materiële vaste activa:

- Investeringen economisch nut
Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut worden geactiveerd en over de gebruiksduur afgeschreven. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.

- Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
Ten aanzien van investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven geldt dat vanuit de spaarcomponent van heffingen gevormde voorzieningen voor toekomstige vervangingsinvesteringen met economisch nut in mindering zijn gebracht op de in het boekjaar gepleegde investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing is geheven. Over het resterende bedrag wordt afgeschreven.

- Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut
Ten aanzien van investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut geldt tot aan investeringsdatum 31 december 2016 dat eventuele bijdragen uit de reserves in mindering zijn gebracht op deze investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut. 
De op de oorspronkelijke verkrijgings- of vervaardigingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur óf technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen.

Investeringen met een maatschappelijk nut worden, evenals investeringen met een economisch nut, geactiveerd en over de verwachte gebruiksduur afgeschreven.

- In erfpacht uitgegeven gronden
In erfpacht uitgegeven gronden worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, waarbij de uitgifteprijs van eerste uitgifte geldt als verkrijgingsprijs. Gronden in eeuwigdurende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaarde. Eventuele afkoopsommen voor voortdurende contracten zijn verwerkt onder de langlopende schulden en vervallen naar rato van afkoopperiode vrij ten gunste van het resultaat. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen.

III. Financiële vaste activa
De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) verminderd met de jaarlijkse aflossingen, afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid op de boekwaarde in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de marktwaarde van de aandelen daalt tot onder de verkrijgingsprijs, vindt afwaardering naar deze lagere marktwaarde plaats.

B. Vlottende activa
Vlottende activa zijn voor korte(re) tijd vastgelegde vermogensbestanddelen die wel op korte termijn in liquide middelen zijn om te zetten. Onder vlottende activa worden afzonderlijk opgenomen de voorraden, de uitzettingen met rentetypische looptijd korter dan één jaar, de liquide middelen en de overlopende activa.

I. Voorraden

Grond- en hulpstoffen
Grond- en hulpstoffen worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs worden de grond- en hulpstoffen tegen deze lagere marktwaarde gewaardeerd.

Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie
Het startpunt van een grondexploitatie is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief grondexploitatiebegroting. Vanaf dat moment wordt de grondexploitatie geopend en kunnen vervaardigingskosten worden geactiveerd.

De onderhanden werken grondexploitatie zijn opgenomen tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de opbrengst wegens verkopen. Indien de boekwaarde de marktwaarde van de grond overschrijdt, wordt een afwaardering naar de lagere marktwaarde verantwoord/wordt een voorziening voor het verwachte negatieve resultaat getroffen. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten (limitatief opgesomd in de kostensoortenlijst zoals opgenomen artikel 6.2.4 van het Besluit ruimtelijke ordening), welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs worden daarnaast een redelijk deel van de indirecte kosten opgenomen en is de werkelijk over vreemd vermogen betaalde rente over het boekjaar toegerekend. De rente is toegerekend over de boekwaarde van de grondexploitatie per 1 januari van het betreffende boekjaar.

Voor winstneming geldt de percentage of completion (POC) methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Hiervoor moet het resultaat op de grondexploitatie wel op betrouwbare wijze kunnen worden ingeschat. Indien aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen:

1.        het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat.

2.       de grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht.

3.       de kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd).

De verliezen op grondexploitaties worden voorzien zodra deze bekend zijn. De voorziening wordt gewaardeerd op nominale waarde. Voor een nadere toelichting op onderhanden werk en winstnemingen met betrekking tot grondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid en de Meerjarenprognose grondexploitaties (MPG).

Gereed product en handelsgoederen
Gerede producten worden gewaardeerd tegen de kostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Dat laatste doet zich vooral voor indien voorraden incourant worden. De kostprijs bestaat uit de verrekenprijzen van grond- en hulpstoffen en de loon- en machinekosten die aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend.

II. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald.

Vorderingen
De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt jaarlijks bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Liquide middelen en overlopende posten
Deze activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Buiten de balans opgenomen recht op verliescompensatie Vpb
Artikel 40 b bepaalt dat aan de actiefzijde van de balans buiten de balanstelling het bedrag wordt opgenomen waarvan het recht bestaat op verliescompensatie krachtens Wet op de vennootschapsbelasting.

A. Vaste passiva

Onder vaste passiva worden afzonderlijk opgenomen het eigen vermogen, het gerealiseerde resultaat zoals dat volgt uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening, de voorzieningen en de vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. De waardering van passiva geschiedt tegen nominale waarde. Uitzonderingen hierop betreffen voorzieningen die tegen contante waarde zijn gewaardeerd. 

I. Eigen vermogen
In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van de gemeenteraad. Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra de raad aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een raadsbesluit genomen voor het einde van het betreffende begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. 

II. Voorzieningen
Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen (schulden) van de gemeente. Om die reden kunnen voorzieningen naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Voorzieningen worden gevormd indien er sprake is van:

o    Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten.

o    Op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten.

o    Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren.

o    Bijdragen (spaarcomponent) aan toekomstige vervangingsinvesteringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing wordt geheven.

o    Middelen verkregen van derden, die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de voorschotbedragen verkregen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel, die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren.

De voorziening in het kader van de algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Wet APPA) is gebaseerd op de actuariële berekeningen per 31 december van het kalenderjaar. Aan voorzieningen ter egalisatie van (onderhoud)lasten van kapitaalgoederen over meerdere begrotingsjaren ligt een actueel (beheer)plan ten grondslag. Uitgevoerd achterstallig onderhoud is daarbij ten laste van de exploitatie verantwoord. Deze lasten zijn niet ten laste van de gevormde voorziening gebracht. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet.

III. Vaste schulden met een rentetypische looptijd langer dan 1 jaar
De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.

B. Vlottende passiva

Onder vlottende passiva worden afzonderlijk opgenomen de netto-vlottende schulden met rentetypische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva. De waardering van passiva geschiedt tegen nominale waarde. 

I. Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Onder de netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar zijn de betalingsverplichtingen opgenomen die de gemeente binnen één jaar moet voldoen. De vlottende schulden zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

II. Overlopende passiva
De waardering van overlopende passiva geschiedt tegen nominale waarde. De niet bestede middelen van uitkeringen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel worden als vooruit ontvangen middelen op de balans verantwoord onder de overlopende passiva. De besteding van deze middelen vindt op een later tijdstip plaats.

Borg- en Garantstellingen
Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.

Toelichting op de balans per 31 december 2025

Immateriële vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Immateriële vaste activa

Immateriële vaste activa betreffen activa die niet tot een tastbaar bezit voor de gemeente leiden. Het betreft voorbereidings- en onderzoekskosten. Voorbereidings- en onderzoekskosten worden in beginsel gedekt uit toekomstige projecten /grondexploitaties, uit interne bijdragen of inkomsten van derden. De post immateriële vaste activa wordt onderscheiden in:

immateriële vaste activa (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Kosten verbonden aan het afsluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio
b. Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief 1.458 1.540
c. Bijdragen aan activa in eigendom van derden 7.397 7.030
totaal immateriële vaste activa 8.855 8.570

Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de immateriële vaste activa gedurende het jaar 2025.

verloop immateriële vaste activa (x € 1.000,-) boekwaarde Balans- overheve- investe- afschrij- bijdragen afwaarde- boekwaarde
31-12-2024 correctie lingen ringen vingen van derden ringen 31-12-2025
a. Kosten verbonden aan het afsluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio
b. Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief 1.540 -565 503 20 1.458
c. Bijdragen aan activa in eigendom van derden 7.030 690 322 7.397
totaal verloop immateriële vaste activa 8.570 -565 1.193 342 8.855

In 2025 zijn voorbereidingskosten gemaakt ten behoeve van de gebiedsontwikkeling van een aantal exploitaties (de zgn “warme gronden”), alsmede voor de voorbereiding van de herinrichting N284. 

Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan, indien van toepassing, de afwaarderingen vermeld wegens schattingswijzingen van de verwachte toekomstige gebruiksduur c.q. (rest)gebruikswaarden.

De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in onderstaand overzicht vermeld. De voorbereidingskosten Centrumplan Hapert zijn opgesplitst in en toegevoegd aan de voorbereiding van Den Tref en Het Palet.

belangrijkste investeringen immateriële vaste activa (x € 1.000,-) besteed in 2025
b. Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
Voorbereidingskosten Centrumplan Hapert -406
Voorbereidingskosten Den Tref 186
Voorbereidingskosten Het Palet 411
Voorbereidingskosten herinrichting N284 47
Herinrichting Sniederslaan 39
Voorbereidingskosten Groene akkers -565
Voorbereidingskosten Den Herd 74
Voorbereidingskosten Praktijkschool 75
Voorbereidingskosten Egyptische Poort: overall-visie 47
totaal -92
c. Bijdragen aan activa in eigendom aan derden
Uitbreiding basisschool De Vest 690
totaal 690

Materiële vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Materiële vaste activa

Materiële vaste activa met een economisch nut betreffen activa die verhandelbaar zijn en/of opbrengsten (kunnen) genereren. Materiële vaste activa wordt onderscheiden in ‘investeringen met een economisch nut’ en ‘investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven’. Materiële vaste activa met een maatschappelijk nut zijn investeringen in de openbare ruimte en hebben uitsluitend een maatschappelijk nut. De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen:

materiële vaste activa (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. investeringen met een economisch nut 68.245 61.469
b. investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven 27.117 25.981
c. investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut 31.901 26.880
d. in erfpacht uitgegeven gronden 152 152
totaal materiële vaste activa 127.415 114.482

De investeringen met een economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld:

investeringen met een economisch nut (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. gronden en terreinen, inclusief in erfpacht uitgegeven gronden 11.549 11.039
b. woonruimten 2.477 2.332
c. bedrijfsgebouwen 39.672 34.259
d. grond-, weg- en waterbouwkundige werken 1.520 1.625
e. vervoermiddelen
f. machines, apparaten en installaties 13.180 12.366
g. overige materiële vaste activa
totaal investeringen met een economisch nut 68.398 61.621

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer:

verloop investeringen met een economisch nut boekwaarde Balans- overheve- investe- afschrij- bijdragen afwaar- boekwaarde
(x € 1.000,-) 31-12-2024 correctie lingen ringen vingen van derden deringen 31-12-2025
a. gronden en terreinen, incl in erfpacht uitgegeven 11.039 -1.615 2.443 17 301 11.549
b. woonruimten 2.332 167 22 2.477
c. bedrijfsgebouwen 34.259 6.563 758 371 20 39.673
d. grond-, weg- en waterbouwkundige werken 1.625 14 120 1.519
e. vervoermiddelen
f. machines, apparaten en installaties 12.366 1.821 600 389 19 13.179
g. overige materiële vaste activa
totaal verloop investeringen 61.621 -1.615 11.008 1.397 1.181 39 68.397

Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan, indien van toepassing, de afwaarderingen vermeld wegens schattingswijzingen van de verwachte toekomstige gebruiksduur c.q. (rest)gebruikswaarden. 

In onderstaand overzicht is het verloop van de "warme gronden" die in de toekomst getransformeerd gaan worden naar bouwrijpe grond weergegeven. Het complex Centrumplan Hapert is opgesplitst in de complexen Den Tref en Het Palet.

Complex boek- overheve- vermeerde- verminde- boek- voorzie- balans-
waarde ling naar ringen ringen waarde ning waarde
bedragen x € 1.000,- 31-12-2024 voorraad 31-12-2025 31-12-2025
Den Herd 5 5 5
Praktijkschool 4 4 4
Groene akkers 1.615 -1.615
Oude gemeentewerf
Centrumplan Hapert 448 -448
Den Tref 74 74 74
Het Palet 550 550 550
Strategische aankopen 1.972 1.582 301 3.253 3.253
Totaal 4.035 -1.615 1.767 301 3.886 3.886

Strategische aankopen
Volgens de Nota Grondbeleid 2019 wordt er jaarlijks een budget beschikbaar gesteld voor grondaankopen die vallen onder de noemer anticiperende verwervingen. Jaarlijks bij de begrotingsbehandeling wordt de hoogte van het krediet geactualiseerd. De hoogte van dit krediet is zo globaal mogelijk gehouden zodat daaruit door potentiële contractpartijen niet kan worden geconcludeerd wat per transactie de onderhandelingsruimte van de gemeente is. Er zijn in de meeste kernen voldoende ontwikkellocaties die kunnen voorzien in de woningbouwbehoefte voor de korte en middellange termijn.

De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in onderstaand overzicht vermeld.

belangrijkste investeringen met een economisch nut (x € 1.000,-) besteed in 2025
a. gronden en terreinen
Aankoop Kroonvensche heide 321
Aankoop 2 perc klimaatbuffer 54
Grex: Groene Akkers -1.615
Grex: Het Palet 173
Herinr Smagtenbocht 301
Anticiperende verwerving 1.281
515
b. woonruimten
Aankoop woning statushouders 167
167
c. bedrijfsgebouwen
Herontwikkeling sportpark Casteren 753
Fusie korfbal Hapert Hoogeloon 849
Herinr Smagtenbogt 174
Multifunctionele accommodatie binnenzwembad 241
Gemeenschapshuis aan de Markt 1.768
Ambulancepost GGD 2.438
6.224
d. grond-, weg- en waterbouwkundige werken
Vervanging veldafrastering hekwerken sportvelden 15
15
f. machines, apparaten en installaties:
Vervanging installaties gemeentehuis 475
Gemeenschapshuis aan de Markt 887
Inspiratiepunt Bladel 70
1.432
totaal 8.354

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven weer:

verloop investeringen met een economisch nut, boekwaarde investe- des-investe- afschrij- bijdragen afwaar- boekwaarde
waarvoor een heffing kan worden geheven (x € 1.000,-) 31-12-2024 ringen ringen vingen van derden deringen 31-12-2025
a. gronden en terreinen
b. woonruimten
c. bedrijfsgebouwen
d. grond-, weg- en waterbouwkundige werken 25.926 1.932 763 19 27.076
e. vervoermiddelen
f. machines, apparaten en installaties 56 13 43
g. overige materiële vaste activa
totaal verloop investeringen 25.982 1.932 776 19 27.119

Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan, indien van toepassing, de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen. Voorts wordt verwezen naar de toelichting hiervoor.

De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in onderstaand overzicht vermeld.

belangrijkste investeringen met een economisch nut, waarvoor een heffing kan worden geheven (x € 1.000,-) besteed in 2025
d. grond-, weg- en waterbouwkundige werken:
Uitvoering GRP 2023: vervanging riolering 706
Uitvoering GRP 2024: klimaatmaatregelen 32
Uitvoering GRP 2024: vervanging riolering 238
Klimaatmaatregelen Netersel 2024 52
Klimaatmaatregelen Casteren 2024 440
Uitvoering GRP 2025: klimaatmaatregelen 396
Klimaatbuffer Gagelvelden /Kranenberg 28
1.892
totaal 1.892

Om inzicht te geven in het deel van de activa dat wel vergelijkbaar is qua systematiek wordt in het verloopoverzicht een scheiding aangebracht tussen welk bedrag volgens de nieuwe systematiek is verantwoord en welk deel volgens een andere systematiek. De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut had het volgende verloop:

verloop investeringen in de openbare ruimte met boekwaarde Balans- investe- des-investe- afschrij- bijdragen afwaar- boekwaarde
een maatschappelijk nut (x € 1.000,-) 31-12-2024 correctie ringen ringen vingen van derden deringen 31-12-2025
Maatschappelijk vóór 2017:
a. gronden en terreinen
b. grond-, weg- en waterbouwkundige werken 4.845 129 4.716
c. machines, apparaten en installaties 86 14 72
d. overige materiële vaste activa
subtotaal 4.931 143 4.788
Maatschappelijk vanaf 2017:
a. gronden en terreinen
b. grond-, weg- en waterbouwkundige werken 21.618 6.253 575 8 584 26.704
c. machines, apparaten en installaties 332 131 54 408
d. overige materiële vaste activa
subtotaal 21.950 6.384 629 8 584 27.112
totaal verloop investeringen 26.881 6.384 772 8 584 31.900

Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan, indien van toepassing, de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen. Voorts wordt verwezen naar de toelichting hiervoor.

De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in onderstaand overzicht vermeld.

belangrijkste investeringen met een maatschappelijk nut(x € 1.000,-) besteed in 2025
b. grond-, weg- en waterbouwkundige werken:
Herinrichting Markt Bladel 1.120
Verbindingsweg en waterberging Hoeven 26 53
Verbetering/ gepland groot onderhoud wegen 2024 309
Uitvoering verkeersvisie 2024 1.268
Uitvoering verkeersvisie 2025 1.408
Verbetering/ gepland groot onderhoud wegen 2025 248
Verbreden fietspaden Cartierheide 99
Herstructurering Koolbogt Bladel 1.175
Vervanging openbare verlichting 2025: masten 51
Uitvoering groenstructuurplan 2023 60
Uitvoering groenstructuurplan 2024 105
Vervanging openbaar groen 2024 182
Vervanging openbaar groen 2025 137
6.215
c. machines, apparaten en installaties:
Vervanging speeltoestellen 2025 84
Revitalisering carillon gemeentehuis 47
131
totaal 6.346

Financiële vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Financiële vaste activa

Financiële vaste activa zijn in geld uitgedrukte vorderingen op derden of deelnemingen in andere organisaties. De financiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen.

Financiële vaste activa (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Kapitaalverstrekkingen aan:
- deelnemingen 159 159
- gemeenschappelijke regelingen
- overige verbonden partijen
b. Leningen aan:
- openbare lichamen art.1, onderdeel a, Wet fido
- woningbouwcorporaties
- deelnemingen
- overige verbonden partijen
c. Overige langlopende leningen 2.234 1.759
d. Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
e. Uitzettingen in de vorm van van Nederlands schuldpapier met een rentetypische
looptijd van één jaar of langer
f. Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
totaal financiëel vaste activa 2.393 1.918

Tot de financiële vaste activa behoren de kapitaalverstrekking aan deelnemingen, verstrekte leningen en overige kapitaalverstrekkingen. Deze uitzettingen zijn uitsluitend voor het uitoefenen van de publieke taak.

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2025 weer.

financiële vaste activa (x € 1.000,-) boekwaarde investe- desinveste- afschrijvingen / aflossing afwaarde- boekwaarde
31-12-2024 ringen ringen ringen 31-12-2025
a. Kapitaalverstrekkingen aan:
- deelnemingen 159 159
- gemeenschappelijke regelingen
- overige verbonden partijen
b. Leningen aan:
- openbare lichamen art.1, onderdeel a, Wet fido
- woningbouwcorporaties
- deelnemingen
- overige verbonden partijen
c. Overige langlopende leningen 1.759 725 250 2.234
d. Uitzettingen in 's Rijks schatkist > 1 jaar
e. Uitzettingen van Nederlands schuldpapier > 1 jaar
f. Overige uitzettingen met een looptijd >1 jaar
totaal financiëel vaste activa 1.918 725 250 2.393

Onder de afwaarderingen staan, indien van toepassing, de afwaarderingen vermeld wegens schattingswijzingen van de verwachte toekomstige gebruiksduur c.q. (rest)gebruikswaarden. De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in onderstaand overzicht vermeld.

belangrijkste investeringen (x € 1.000,-) besteed in 2025
c. overige langlopende leningen
startersleningen 725
totaal 725

In de post overige langlopende leningen zitten de gelden die we hebben verstrekt aan het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland (SVN) voor het verstrekken van startersleningen. De rekening-courant wordt ook in de totaalopstelling opgenomen, zodat het totaal aan startersleningen inzichtelijk is.

startersleningen (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
De waarde van de beleggingen bij het SVN per 31 december 2025 is in totaal 3.016
Dit bedrag is als volgt samengesteld:
a. saldo rekening-courant (vlottende activa) 306 264
b. saldo verstrekte startersleningen, revolverend (vaste activa) 2.234 1.759
c. saldo verstrekte geldleningen via Gembank (niet revolverend) 476 826
totaal 3.016 3.016 2.849

Voorraden

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Voorraden

Dit betreft de goederen die in de organisatie voorhanden zijn om te bewerken, verkopen of te leveren. Een belangrijke categorie bij de gemeente is de gronden en onderhanden werk binnen een grondexploitatie. De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën:

voorraden (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Grond- en hulpstoffen
b. Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie 8.312 6.935
c. Gereed product en handelsgoederen
d. Vooruitbetalingen
totaal voorraden 8.312 6.935

Van de in exploitatie genomen bouwgronden kan het volgende overzicht worden weergegeven:

verloop in exploitatie boekwaarde overheveling vermeerde- verminde- winst- boekwaarde voorziening balanswaarde
genomen bouwgronden 31-12-2024 vanuit ringen ringen uitname 31-12-2025 31-12-2025
(x € 1.000,-) (IM)MVA
Egyptische Poort woongebied (BIE) 1.267 184 86 1.365 1.365
Dennenoord fase 2 (BIE) 521 13 700 107 -59 -59
Groene Akkers (BIE) 2.180 233 2.413 2.413
Tussen de Dycken (BIE) 2.216 438 2.654 2.654
Bestemmingsplan Beemd (BIE) -90 2 88
Bestemmingsplan Beemd/paardensportterrein (BIE) -101 4 41 -56 -56
Locatie Kerkstraat Casteren (BIE) 6 151 -157
Lange Trekken (BIE) 1.311 107 2.173 -93 -848 -848
Akkerstraat Hoogeloon (BIE) 710 101 811 307 504
De Stuw Hapert (BIE) 1.614 720 48 2.286 2.286
Veldbroek Wagenbroeken Casteren (BIE) 51 59 110 110
Locatie Kerkeneind Casteren (BIE) -40 40 56 -56
Hoeve 11 en 13 Netersel (BIE)
totaal 7.465 2.180 2.052 3.007 -14 8.676 363 8.313

Zie paragraaf grondbeleid voor nadere toelichting.

De marktwaarde van bouwrijpe grond is van veel factoren afhankelijk. Deze factoren zijn per uitvoeringsproject verschillend. De gemeente stelt daarom per uitvoeringsproject een marktconforme uitgifteprijs vast op basis van een deskundigenrapportage (taxatie), zoals geregeld in de op 9 mei 2019 vastgestelde nota Grondbeleid 2019.

In onderstaand overzicht worden per exploitatie de geraamde nog te maken kosten en de geraamde nog te realiseren opbrengsten weergegeven.

prognose in exploitatie genomen balanswaarde geraamde nog te geraamde nog te geraamd resultaat
bouwgronden (x € 1.000,-) 31-12-2025 maken kosten realiseren (nominale waarde)
opbrengsten waarde)
Egyptische Poort woongebied (BIE) 1.365 4.515 6.282 -402 v
Dennenoord fase 2 (BIE) -59 54 4 -9 v
Groene Akkers (BIE) 2.413 4.402 8.035 -1.220 v
Tussen de Dycken (BIE) 2.654 5.908 8.682 -120 v
Bestemmingsplan Beemd (BIE)
Bestemmingsplan Beemd/paardensportterrein (BIE) -56 40 14 -30 v
Locatie Kerkstraat Casteren (BIE)
Lange Trekken (BIE) -848 2.230 1.596 -214 v
Akkerstraat Hoogeloon (BIE) 504 179 693 -10 n
De Stuw Hapert (BIE) 2.286 1.482 5.035 -1.267 v
Veldbroek Wagenbroeken Casteren (BIE) 110 5.073 6.567 -1.384 v
Locatie Kerkeneind Casteren (BIE) -56 366 309 1 n
Hoeve 11 en 13 Netersel (BIE)
totaal 8.313 24.249 37.217 -4.655 v

Om een project te kunnen realiseren moeten er investeringen worden gedaan en opbrengsten worden gegenereerd. Elk jaar worden de exploitatieplannen geactualiseerd. Verwacht wordt dat er per 1 januari 2026 nog € 24,249 miljoen moet worden geïnvesteerd en voor € 37,217 miljoen aan opbrengsten moet worden gegenereerd. Het verwachte positief eindresultaat bedraagt daarmee € 4,655 miljoen.
De geprognosticeerde eindresultaat van de grondexploitatie geschiedt tegen eindwaarde. Voor de aannames die ten grondslag liggen aan de prognoses van het eindresultaat van de grondexploitaties, zoals rente, fasering, gehanteerde kosten- en opbrengstenontwikkeling (art 52 lid 3 BBV nieuw) wordt verwezen naar de hiervoor weergegeven parameters.

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:

Uitzettingen met looptijd < 1 jaar (x € 1.000,-) boekwaarde voorziening balanswaarde balanswaarde
31-12-2025 oninbaarheid 31-12-2025 31-12-2024
a. Vorderingen op openbare lichamen 6.964 6.964 7.085
- Vorderingen op openbare lichamen Maatschappelijke Dienstverlening 1.804 1.804 1.989
- KempenPlus nog te ontvangen van gemeente
b. Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen art.1, onderdeel a. Wet financiering decentrale overheden
c. Overige verstrekte kasgeldleningen
d. Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < 1 jaar
e. Rekening-courantverhoudingen met het Rijk 989 989 6.911
f. Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen
g. Uitzettingen in Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd < 1 jaar
d. Overige vorderingen 2.721 320 2.401 2.539
- Overige vorderingen KempenPlus 2.465 2.465 1.067
e. Overige uitzettingen 10 10 10
totaal uitzettingen met rentetypische looptijd < 1 jaar 14.953 320 14.633 19.601
,

Er is een voorziening van € 183.000 opgenomen voor algemene dubieuze debiteuren en € 137.000 voor dubieuze debiteuren sociale zaken die vermoedelijk niet invorderbaar zijn.

Schatkistbankieren / Drempelbedrag

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Schatkistbankieren / Drempelbedrag

In het onderste deel van de tabel is de berekening weergegeven van het gemiddelde dag saldi. Achter (5a) staat per kwartaal een optelling van de dag saldi. Dat bedrag wordt gedeeld door het aantal dagen in dat kwartaal (5b) en de uitkomst daarvan is dan het bedrag (2).

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000)
Verslagjaar
(1) Drempelbedrag 1.465 0 0 0
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(2) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 221 187 202 184
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 1.244 1.277 1.263 1.281
(3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag - - - -
(1) Berekening drempelbedrag
Verslagjaar
(4a) Begrotingstotaal verslagjaar 73.247
(4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen 73.247
(4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat 0
(1) Drempelbedrag 1.465 0 0 0
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotings-totaal kleiner of gelijk is aan € 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 19.897 17.060 18.585 16.909
(5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92
(2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 221 187 202 184

Liquide middelen

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Liquide middelen

Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:

liquide middelen (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Kasgelden 7 7
b. Banksaldi 149 197
totaal liquide middelen 156 204

Met de Bank Nederlandse Gemeenten is een raamovereenkomst geïntegreerde dienstverlening gesloten. Binnen de overeenkomst worden afspraken vastgelegd ten aanzien van het krediet in rekening-courant, alsmede de voorwaarden ten aanzien van het afsluiten van kasgeldleningen, deposito’s en vaste geldleningen. Hierdoor houden de gemeente financiële armslag tegen lage kosten.

Overlopende activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Overlopende activa

De overlopende activa bestaat uit nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde kosten. De post overlopende activa kan als volgt worden onderscheiden:

overlopende activa (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Voorschotbedragen ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een
specifiek bestedingsdoel, te ontvangen van:
- Europese overheidslichamen
- het Rijk
- overige Nederlandse overheidslichamen
b. Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die t.l.v. volgende begrotingsjaren komen 5.158 3.448
- Nog te ontvangen bedragen Maatschappelijke Dienstverlening 30 22
totaal overlopende activa 5.188 3.470

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel:

specificatie Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te saldo per toevoe- ontvangen saldo per
ontvangen bedragen (x € 1.000,-) 31-12-2024 gingen bedragen 31-12-2025
a. Europese overheidslichamen
b. het Rijk (bijdrage opvang ontheemde Oekraïners)
c. overige Nederlandse overheidslichamen
totaal

Recht op verliescompensatie krachtens de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
Buiten de balanstelling wordt het bedrag opgenomen waarvan het recht bestaat op verliescompensatie krachtens de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

recht op verliescompensatie Vpb saldo per toevoe- ontvangen saldo per
bedragen (x € 1.000,-) 31-12-2024 gingen bedragen 31-12-2025
VPB aangifte te verrekenen verlies 112 112
totaal 112 112

Eigen vermogen

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Eigen vermogen

Het eigen vermogen is het verschil tussen de activa en het vreemd vermogen. Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:

eigen vermogen (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. algemene reserve 18.565 18.739
b. bestemmingsreserves 24.688 23.606
c. gerealiseerd resultaat blijkend uit het overzicht van baten en lasten in jaarrekening 2.096 2.870
totaal eigen vermogen 45.349 45.215

Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserves, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten. De algemene reserves zijn alle reserves die primair dienen als weerstandsvermogen om incidentele tegenvallers in de exploitatie op te vangen. De bestemmingsreserves zijn reserves waaraan de gemeenteraad een bepaalde bestemming heeft meegegeven. Dit zijn vermogensbestanddelen die alleen in de aangegeven richting zijn aan te wenden. Het verloop in 2024 wordt in onderstaand overzicht per reserve weergegeven:

verloop eigen vermogen (x € 1.000,-) boekwaarde toevoegingen onttrekkingen bestemming onttrekking ter boekwaarde
31-12-2024 2025 2025 resultaat dekking van 31-12-2025
2024 kap.goed
a. algemene reserve:
- minimale omvang (ijzeren voorraad)
- noodzakelijke omvang (voldoende) 777 777
- vrij besteedbaar deel 17.962 1.216 4.259 2.870 17.789
totaal algemene reserve 18.739 1.216 4.259 2.870 18.566
b. bestemmingsreserves
- dekkingsreserves
- afschrijving geactiveerde investering 19.607 2.289 742 21.154
totaal dekkingsreserves 19.607 2.289 742 21.154
- overige bestemmingsreserves
- reserve ruimtelijke kwaliteit buitengebied 2.542 38 1.058 1.522
- reserve duurzaamheid 133 133
- reserve bovenwijkse voorzieningen
- algemene reserve grondexploitaties 1.303 576 1.879
- reserve uitvoering generatiepact 21 21
totaal overige bestemmingsreserves 3.999 614 1.079 3.534
totaal bestemmingsreserves 23.606 2.903 1.079 742 24.688
c. gerealiseerd resultaat in jaarrekening 2.870 2.096 -2.870 2.096
totaal verloop eigen vermogen 45.215 6.215 5.338 742 45.350

In de 'nota reserves en voorzieningen 2026' is de normering van de omvang van de algemene reserve bepaald. De boekwaarde is daarop gecorrigeerd. 

Hieronder worden de aard en reden van de reserves en de toevoegingen en onttrekkingen toegelicht.

Algemene reserve
De algemene reserve maakt deel uit van het weerstandsvermogen van de gemeente en heeft als doel de gemeente de mogelijkheid te bieden om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. De omvang van de algemene reserve is gebaseerd op het risicoprofiel van de gemeente. In de 'nota reserves en voorzieningen 2026' wordt de algemene reserve als normatief kader beschouwd voor het weerstandsvermogen: het eigenstandig normkader is bepaald op de gemiddelde omvang van de geïnventariseerde risico’s.

De voornaamste vermeerdering betreft: het rekeningresultaat blijkend uit de jaarrekening over het jaar 2024 (€ 2.870.000).

De voornaamste verminderingen betreffen: budgetoverheveling 2024 (€ 1.185.000), aanvulling algemene reserve grondexploitatie (€ 576.000), toevoegingen aan dekkingsreserve kapitaallasten (€ 2.221.000) en dekking voor duurzame energie particulieren (€ 206.000).

Bestemmingsreserves
De bestemmingsreserves worden onderverdeeld in dekkingsreserves en reserves ingesteld voor een bepaald doel.

Dekkingsreserves
Deze reserves zijn ingesteld ter (gedeeltelijke) dekking van de kapitaallasten van investeringen met een economisch nut.

Reserve afschrijving geactiveerde investeringen
Afdekken van de kapitaallasten van diverse investeringen. Er is € 675.000 ten gunste van de exploitatie verantwoord en € 68.000 rente bijgeschreven over de stand van de reserve per 1 januari. 

Overige bestemmingsreserves
Deze reserves zijn ingesteld voor een bepaald doel.

Reserve ruimtelijke kwaliteit buitengebied
Verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van het landschap, gekoppeld aan gemeentelijke projecten. In 2025 is € 38.000 toegevoegd aan de reserve en € 1.058.000 onttrokken aan de reserve.

Reserve duurzaamheid
Dekking van maatregelen om in de directe omgeving van windpark de Pals duurzaamheid te bevorderen of voor de dekking van maatregelen ter bevordering van duurzaamheid. Bij nieuwe ontwikkelingen, plannen en activiteiten zoeken we daarbij naar een optimale balans tussen de sociale, ecologische en economische gevolgen. In 2025 zijn er geen toevoegingen of onttrekkingen geweest.

Algemene reserve grondexploitaties
Met de reserve worden algemene risico’s op het gebied van grondexploitaties opgevangen. In 2025 is € 576.000 toegevoegd. Voor een nadere toelichting verwezen naar de paragraaf grondbeleid en voorstel resultaatbestemming. Daarnaast zal op basis van IFLO-methode via resultaatbestemming nog € 416.000 toegevoegd worden (zie paragraaf grondbeleid).

Reserve generatiepact
Door het inzetten van strategische personeelsplanning wordt instroom, doorstroom en uitstroom in de organisatie bevorderd. Als ouderen minder willen werken, waarvoor zij deels gecompenseerd worden, ontstaat ruimte in de formatie en financiën om nieuwe, jongere medewerkers te werven. In 2025 is er € 21.000 onttrokken ten gevolge van de loonverschillen in 2025.

Resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
Voor een toelichting op het saldo van het overzicht van lasten en baten verwijzen wij u naar de toelichting op de resultatenrekening.

Voorzieningen

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Voorzieningen

Het verloop van de boekwaarde van voorzieningen is gespecificeerd in onderstaande tabel. Hierbij zijn de voorzieningen grondexploitaties en  dubieuze debiteuren opgenomen onder de activa, conform de regels.

voorzieningen (x € 1.000,-) boekwaarde 2025 boekwaarde 2024
a. verplichtingen en verliezen waarvan de omvang onzeker is, maar redelijkerwijs in te schatten is
b. risico's van te verwachten verplichtingen of verliezen, waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten 3.465 3.336
c. te maken kosten welke strekken tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren 4.611 3.998
d. bijdragen van toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven
e. van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden 2.812 2.491
totaal voorzieningen 10.888 9.825

Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de voorzieningen gedurende het jaar 2025:

verloop voorzieningen (x € 1.000,-) boekwaarde toevoegingen vrijval tgv aanwendingen boekwaarde
31-12-2024 exploitatie 31-12-2025
a. te schatten verplichtingen en verliezen:
-
sub-totaal
b. te schatten risico's voor verplichtingen en verliezen
- wethouderspensioenen 2.971 402 139 3.234
- wachtgeld voormalige wethouders 171 101 70
- wachtgeld voormalig personeel
- RVU-regeling 38 31 7
- verlof 101 58 5 154
- nog te maken kosten Wijer-de Kuil 55 55
sub-totaal 3.336 460 55 276 3.465
c. gelijkmatige verdeling van lasten:
- onderhoud gemeentelijke gebouwen 3.028 469 167 3.330
- onderhoud wegen 969 755 443 1.281
- voorziening renovatie riolering
sub-totaal 3.997 1.224 610 4.611
d. vervangingsinvesteringen met heffingen:
niet van toepassing
sub-totaal
e. van derden verkregen middelen
- afvalstoffenheffing 99 99
- onderhoud riolering 2.491 222 2.713
sub-totaal 2.491 321 2.812
totaal verloop voorzieningen 9.824 2.005 55 886 10.888

In de kolom “vrijval t.g.v. exploitatie” zijn de bedragen opgenomen welke enerzijds ten gunste van de rekening van baten en lasten zijn vrijgevallen en anderzijds dienen ter egalisatie van kosten.

In te schatten verplichtingen en verliezen
Dit betreft voorzieningen wegens verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch wel redelijkerwijs is in te schatten.

Risicovoorziening

Dit betreft voorzieningen wegens op balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of risico’s. Tevens is er sprake van voorzieningen op oninbare vorderingen en voorziene exploitatierisico’s voor de grondexploitatie. De voorziening exploitatierisico’s grondexploitatie is ten gunste van de betreffende grondexploitatie gebracht.

Voorziening wethouderspensioenen
Deze voorziening dient ter dekking van de pensioenuitkeringen van (voormalig) wethouders en hun nabestaanden, die recht hebben op een pensioenuitkering. Jaarlijks wordt door een gespecialiseerd bureau een actuariële berekening  van het benodigde bedrag gemaakt. Voor gepensioneerden en niet-gepensioneerden zijn dezelfde grondslagen gehanteerd. In de berekeningen zijn de niet ingegane pensioenen herrekend naar de huidige AOW-leeftijd. De niet ingegane pensioenen zijn herrekend naar de huidige AOW-leeftijden.

Het pensioen voor wethouders is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Vanaf 1 januari 2028 gaan de pensioenen van politieke ambtsdragers over naar het nieuwe pensioenstelsel en wordt het overgedragen aan het ABP. Gemeenten wordt door het VNG geadviseerd hun voorziening hierop tijdig af te stemmen. Gemeente Bladel heeft meegedaan aan een onderzoek naar de omvang van de verwachte overdrachtswaarde van APPA naar het ABP. Op basis van het onderzoek dient de omvang van de voorziening wethouder pensioenen van gemeente Baldel te worden verhoogd met € 400.000. Mede op basis van een stellige uitspraak van de Comissie BBV is deze verhoging verwerkt in de jaarrekening 2025.

Ten laste van de voorziening werd € 139.000 pensioen verstrekt.

Voorziening wachtgeldverplichtingen voormalige wethouders
Het opbouwen van vermogen voor het kunnen dekken van de kosten verbonden aan de rechtspositie van voormalige wethouders in termen van wachtgeld. In 2025 is de voorziening voor € 80.000 aangewend. Een bedrag van € 21.000 valt vrij. De voorziening per eind 2025 bedraagt daarmee € 70.000.

Voorziening wachtgeldverplichtingen voormalig personeel
De gemeente is eigen risicodrager ten aanzien van het wachtgeld.  Het opbouwen van vermogen voor het kunnen dekken van de wachtgeldverplichtingen van voormalige medewerker(s). In 2025 zijn er geen verplichtingen geweest.

Voorziening RVU-regeling
Het opbouwen van vermogen voor het kunnen dekken van de kosten verbonden aan de rechtspositie van voormalige wethouders in termen van wachtgeld. In 2025 is de voorziening voor € 31.000 aangewend.

Voorziening verlof
De voorziening verlof bestaat uit een deel 'verlofsparen' en 'overmatige verlofsaldi'.

Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 conform cao 'verlofsparen'. Met dit 'verlofsparen' kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens-en carrièreplanning en uw vitaliteitsbeeld. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, dient hier op grond van het BBV een voorziening voor gevormd te worden. In 2025 is de voorziening met € 38.000 aangevuld.

Voor overmatige verlofsaldi vormt de gemeente een voorziening. Op basis van een analyse wordt voor € 20.000 gedoteerd aan de voorziening en een bedrag van € 5.000 wordt aangewend.

Voorziening nog te maken kosten Wijer-De Kuil
Nog te maken kosten van het financieel afgewikkeld plan Wijer-De Kuil. In 2025 is de voorziening vanwege actualisatie volledig vrijgevallen.

Egalisatievoorzieningen

Deze voorzieningen worden gevormd wegens kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of daaraan voorafgaand en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal jaren. Het betreft voorzieningen waaraan beheerplannen zijn gekoppeld. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen wordt de stand van de beheerplannen toegelicht.

Voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen
Deze voorziening is gevormd ten behoeve van een gelijkmatige verdeling van de lasten van groot onderhoud van de gemeentelijke gebouwen over een aantal begrotingsjaren. Op basis van een voortschrijdende onderhoudscyclus van 10 jaar zijn de financiële consequenties in beeld gebracht en vertaald in de jaarrekening.

Een recente actualisatie van het meerjarig onderhoudsplan heeft geleid tot enkele verschuivingen in de dotaties tussen de voorzieningen van afzonderlijke gemeentelijke gebouwen. Deze verschuivingen blijven echter binnen het totaal begrote niveau van de voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen. Conform de begroting is vanuit de exploitatie een bedrag van € 467.000 toegevoegd aan de voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen. De onderhoudsuitgaven van € 167.000 zijn direct ten laste van de voorziening geboekt. 

Voorziening onderhoud wegen
Deze voorziening is gevormd ten behoeve van een gelijkmatige verdeling van de (groot) onderhoudslasten van wegen, straten en pleinen over een aantal begrotingsjaren. Vanuit de exploitatie is € 755.000 toegevoegd en zijn de onderhoudsuitgaven van € 443.000 direct ten laste van de voorziening gebracht.

Van derden verkregen middelen

Voorziening egalisatie afvalstoffenheffing
Het egaliseren van het saldo lasten/baten dat in een bepaald jaar ontstaat in de afvalverwijdering, alsmede het meerjarig opvangen van schommelingen in de tarieven voor de afvalstoffenheffing. De vermeerdering betreft de verrekening van het positieve exploitatieresultaat op het taakveld afvalverwijdering (€ 99.000). 

Voorziening egalisatie riolering
Het egaliseren van het saldo lasten/baten dat in een bepaald jaar ontstaat in de riolering, alsmede het meerjarig opvangen van schommelingen in de tarieven voor de rioolheffingen. Het exploitatiesaldo van € 222.000 van het taakveld riolering is toegevoegd aan de voorziening. Ingevolge art 44 lid 2 van het BBV wordt de voorziening verplicht gevormd uit geheven/ontvangen specifieke bijdragen van de burger. Het zijn gelden die aan betreffende taak moeten worden besteed dan wel aan de burger moeten worden teruggegeven.

Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar

Dit betreft schulden aan derden met een looptijd langer dan één jaar en waarborgsommen.  De onderverdeling van de in de balans opgenomen vaste schulden is als volgt:

vaste schulden (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Obligatieleningen
b. Onderhandse leningen:
- binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen
- binnenlandse banken en overige financiële instellingen 66.513 71.178
- binnenlandse bedrijven
- openbare lichamen als bedoeld in art. 1, ond.a , van de Wet financiering decentrale overheden 25.000
- overige binnenlandse sectoren
- buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren
91.513 71.178
c. Door derden belegde leningen
d. Waarborgsommen 10 10
e. Overige leningen
totaal vaste schulden 91.523 71.188

In onderstaand overzicht wordt het verloop van de vaste schulden in 2025 aangegeven.

verloop vaste schulden (x € 1.000,-) boekwaarde vermeerde- aflossingen boekwaarde
31-12-2024 ringen 31-12-2025
a. Obligatieleningen
b. Onderhandse leningen:
- binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen
- binnenlandse banken en overige financiële instellingen 71.178 4.664 66.514
- binnenlandse bedrijven
- openbare lichamen als bedoeld in art. 1, onderdeel a , van de Wet financiering 25.000 25.000
decentrale overheden
- overige binnenlandse sectoren
- buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren
71.178 25.000 4.664 91.514
c. Door derden belegde gelden:
d. Waarborgsommen 10 10
e. Overige leningen
totaal verloop vaste schulden 71.188 25.000 4.664 91.524

Het gemiddelde gewogen rentepercentage over het leningensaldo aan het einde van 2025 bedraagt 1,70%. De rentelast over alle onderhandse leningen bedraagt € 1.423.000.

Vlottende passiva

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Vlottende passiva

De vlottende passiva bestaan uit crediteuren (netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar) en overlopende passiva. Onder de vlottende passiva zijn opgenomen:

vlottende passiva (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 6.616 18.187
b. Overlopende passiva 12.577 10.766
totaal vlottende passiva 19.193 28.953

Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

De in de balans opgenomen kortlopende schulden kunnen als volgt gespecificeerd worden:

verloop netto-vlottende schulden (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Kasgeldleningen aangegaan bij openbare lichamen als bedoeld in art.1, ond. a. van de Wet fido
b. Overige kasgeldleningen 10.000
c. Banksaldi
d. Overige schulden 5.657 8.131
- Maatschappelijke Dienstverlening overige schulden 959 56
totaal verloop netto-vlottende schulden 6.616 18.187

Bij de post overige schulden is het crediteurensaldo (inclusief sociale zaken / rijk) van € 5.657.000 (2024: € 8.131.000) begrepen. Het betreft bedragen die de gemeente nog moet betalen aan verschillende leveranciers.

Overlopende passiva

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Overlopende passiva

De overlopende passiva zijn verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn ontstaan en die in het volgend begrotingsjaar tot een betaling komen. Daarnaast is dit het saldo van ontvangen en bestede bedragen met een specifiek bestedingsdoel, die dienen ter dekking van lasten in het volgend begrotingsjaar. De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt:

overlopende passiva (x € 1.000,-) boekwaarde boekwaarde
31-12-2025 31-12-2024
a. Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend
begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende
arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbare volume 2.787 2.220
- Maatschappelijke Dienstverlening nog te betalen 3.340 3.022
- Gemeente nog te betalen aan MD / KempenPlus
6.127 5.242
b. De voorschotbedragen voor uitkeringen met een speciefiek bestedingsdoel die dienen
ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, ontvangen van (art 49, lid 2):
- Europese overheidslichamen
- het Rijk 4.208 3.292
c. Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen 2.241 2.231
Totaal 12.576 10.765

De in de balans opgenomen van EU, Rijk en provincies ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren kunnen als volgt worden gespecificeerd:

specificatie van Europese en Nederlandse overheidslichamen saldo per ontvangen bestede vrijgevallen saldo per
ontvangen bedragen voor specifieke uitkeringen ( x € 1.000,-) 31-12-2024 bedragen bedragen bedragen 31-12-2025
1. Europses overheidslichamen
2. het Rijk 3.293 2.623 1.708 4.208
3. overige Nederlandse overheidslichamen
totaal 3.293 2.623 1.708 4.208

Specificatie van de specifieke uitkeringen van het Rijk. 

Ministerie ( x € 1.000,-) Specifieke uitkering boekwaarde
31-12-2025
Ministerie Fin B2 SPUK 2025 gedup. -13
Ministerie Fin C62 SPUK 2025 gedup. 0
Ministerie OCW D08 SPUK 2025 OAB 320
Ministerie OCW D14 SPUK 2025 NPO 5
Ministerie VWS D23 SPUK 2025 bib verschil aanvraag beschikking 12
Ministerie IW E120 SPUK verkeersveiligheidsmtr 333
Ministerie SZW G10 SPUK 2025 Wet inburgering 371
Ministerie OCW G13 SPUK 2025 onderwijsroute 8
Ministerie VWS H30 Brede spuk 2025 35
Dienst ondernemend nederland J32 SPUK 2025 ventilatie scholen Pius X 66
Ministerie BZK J55 SPUK 2025 Energiearmoede 174
Dienst ondernemend nederland J94 SPUK 2025 LAI 2.172
Dienst ondernemend nederland K28 2025 CDOKE 726
Totaal 4.208

Aan natuurlijke en rechtspersonen verstrekte borgstellingen of garantstellingen

Terug naar navigatie - Toelichting op de balans per 31 december 2025 - Aan natuurlijke en rechtspersonen verstrekte borgstellingen of garantstellingen

Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten de balanstelling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. In het kader van de verleende borg- en garantstellingen is in 2025 geen beroep gedaan op Bladel als gevolg van verleende borg- en garantstellingen. De borgstellingen kunnen als volgt worden gespecificeerd:

verloop garantiestellingen (x € 1.000,-) oospronkelijk percentage restant restant
bedrag borgstelling 31-12-2025 31-12-2024
1. Woningstichting de Zaligheden 48.510 achtervang 47.761 47.785
2. Wooninc. 315 achtervang 180 197
3. Stichting Open Muziekcentum Bladel 100 100% 36 40
totaal verloop garantiestellingen 48.925 47.977 48.022

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen

Niet uit de balans blijkende belangrijke rechten en verplichtingen

Terug naar navigatie - Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen - Niet uit de balans blijkende belangrijke rechten en verplichtingen

De gemeente heeft diverse verplichtingen, die niet in de balans mogen / kunnen worden opgenomen. De belangrijkste geven we hieronder aan. Wat belangrijke verplichtingen zijn is primair ter beoordeling van de gemeente.

De gemeente is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Artikel 53 van het Besluit begroting en verantwoording (BBV) verplicht de gemeente daarom in de toelichting op de balans inzicht te geven in de onderstaande financiële verplichtingen waaraan de gemeente is verbonden:

·         financiële verplichtingen die consequenties hebben voor toekomstige jaren;

·         specificaties van de eventueel gehanteerde financiële derivaten.

Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste van deze toekomstige rechten en verplichtingen:

Meerjaren (welzijns)subsidies en huurovereenkomsten
De gemeente heeft met diverse partijen meerjarige contracten en overeenkomsten afgesloten waaruit financiële verplichtingen kunnen voortvloeien die niet uit de balans blijken. De financiële consequenties van al deze verplichtingen zijn structureel gedekt in de meerjarenbegroting.

Participatiewet
De uitvoering van de Participatiewet blijft ondergebracht bij KempenPlus. De financiële consequenties van al deze verplichtingen zijn structureel gedekt in de meerjarenbegroting.

Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen
Voor de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van gelijke omvang heeft de gemeente geen voorziening getroffen. Uitgangspunt is het BBV waarin staat voorgeschreven dat voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen met een jaarlijks vergelijkbaar volume geen verplichting mag worden opgenomen. Jaarlijks wordt een inventarisatie gemaakt van de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen en wordt bezien of deze verplichtingen van vergelijkbaar of niet-vergelijkbaar volume zijn. Voor de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van niet-gelijke omvang en overmatige verlofsaldi heeft de gemeente wel voorzieningen getroffen.

Juridische procedures
Inzake de lopende juridische procedures is een inschatting gedaan van de mogelijke financiële impact voor de gemeente. Op basis van deze inschatting worden geen materiele nadelige effecten verwacht en is er geen voorziening gevormd.

Emu-saldo

Emu-saldo

Terug naar navigatie - Emu-saldo - Emu-saldo

Bij de invoering van de euro in de Europese Unie is afgesproken dat het begrotingstekort per deelnemend land beperkt moet blijven tot 3%. De overheidsschuld (EMU-schuld) van een land is de totale schuld (uitstaande leningen) van de overheid (de Rijksoverheid, de sociale fondsen en de decentrale overheden zoals gemeenten en provincies). Het begrotingssaldo (EMU-saldo) is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de overheid in een bepaald jaar. Er kan een tekort of een overschot op de begroting zijn. De EMU-schuld wordt aangeduid in een percentage van het bruto binnenlands product (BBP): de zogenaamde EMU-schuldquote. De EMU-tekortruimte voor gemeenten in 2025 is vastgesteld op -/- 0,34% BBP. De individuele EMU-referentiewaarde is geen norm, maar een indicatie van het aandeel dat de gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft.

Omschrijving x € 1000,-
1. Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) 589 +
2. Mutatie (im)materiële vaste activa 13.694 -
3. Mutatie voorzieningen 1.044 +
4. Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 1.682 -
5. Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa 0 -
Berekend EMU-saldo -13.744

Toelichting op investerings- en projectbudgetten

Toelichting op investerings- en projectbudgetten

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting op investerings- en projectbudgetten

In deze paragraaf lichten we de lopende investeringen en projecten per hoofdtaakveld toe door middel van de zgn. smileys. Bij een groene smiley is de investering of project afgerond, bij een gele smiley is de investering of project in uitvoering en bij een rode smiley is de investering of project nog niet in uitvoering.

Van de begrote investeringsuitgaven van € 93,16 miljoen is in vorige jaren een totaalomvang gerealiseerd van € 45,5 miljoen en in 2025 € 20,6 miljoen. We stellen voor om restantkredieten tot een bedrag van € 19,7 miljoen door te schuiven naar het volgende jaar. Daarnaast kunnen een aantal kredieten worden afgesloten. Als de uitvoering van een investering of project met meer dan € 50.000 overschreden wordt lichten we dat voor die investering of project nader toe in de Bedrijfsvoeringsparagraaf. Hieronder volgt een toelichting van de geplande/uitgevoerde investeringen per programma.

Toelichting Bestuur en ondersteuning

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Bestuur en ondersteuning
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Aankoop grond Hamelendijk Reusel 588 588
Aankoop landbouwperceel Kroonvensche Heide 315 321 -6
Totaal 903 321 582

Aankoop grond Hamelendijk Reusel
Voor de beoogde aankoop van een perceel landbouwgrond aan de Hamelendijk te Reusel-De Mierden is in 2023 een krediet van € 588.000 beschikbaar gesteld. Op dit krediet zijn in de periode 2023-2025 geen uitgaven gedaan. De reden hiervan is gelegen in het feit dat het perceel Hamelendijk onderdeel uitmaakte van een grotere deal met de grondeigenaar. Deze grotere deal is niet doorgegaan. Omdat het perceel niet meer wordt aangekocht zal kan het krediet bij de jaarrekening 2025 komen te vervallen.

Aankoop landbouwperceel Kroonvensche Heide
Middels raadsbesluit R25.034b is een krediet van € 315.000 beschikbaar gesteld voor het verwerven van het landbouwperceel gemeente Bladel, sectie K, nummer 235, groot 23.205 m2 binnen het enclavegebied Kroonvensche Heide. Dit perceel is in 2025 aangekocht. Dit krediet kan bij de jaarrekening 2025 worden afgewikkeld met een geringe overschrijding van € 6.000 (vanwege bijkomende notaris- en advieskosten).

Toelichting Veiligheid

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Veiligheid

Excel-tabel

beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Verplaatsing brwkazerne werf Hapert naar KBP 75 11 64 64
Totaal 75 11 64 64

Omschrijving (toelichting)

Voorbereiding verplaatsing brandweerkazerne werf Hapert naar KBP
Voor de verplaatsing van de brandweerkazerne en de gemeentewerf is in 2025 een voorbereidingskrediet van € 75.000 ter beschikking gesteld. In 2025 is hiervan een bedrag van € 11.000 besteed. Het restantkrediet van € 64.000 zal worden overgebracht naar dienstjaar 2026.

Toelichting Verkeer en vervoer

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Verkeer en vervoer
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Verb. bereikbh. bedr.terrein Sleutel & Kl. Hoeven 100 52 12 36 35
Gepland groot onderhoud wegen 2024 1.578 1.269 309
Gepland groot onderhoud wegen 2025 1.656 248 1.408 1.408
Voorbereiding herinrichting N284 586 385 47 154 154
Herinrichting markt Bladel 1.277 150 1.120 7
Verbindingsweg en waterberging Hoeven 26 270 14 53 203 203
Uitvoering verkeersvisie 2024 1.630 368 1.268 -6
Uitvoering verkeersvisie 2025 1.430 1.408 22 22
Aanpassing omgeving de Vest 45 5 40 40
Woonrijp maken Kerkeneind 339 339 339
Verbreden fietspaden Cartierheide 1.244 145 99 1.000 1.000
Fietspad Broekenseind 386 386 386
Fietspad Dominepad 1.189 1.189 1.189
Herinrichting Sniederslaan 80 39 41 41
Herstructurering Koolbogt Bladel 1.315 100 1.175 40 40
Vervanging openbare verlichting 2024: armaturen 58 36 22
Vervanging openbare verlichting 2024: masten 63 51 15 -3
Vervanging openbare verlichting 2025: armaturen 58 58 58
Vervanging openbare verlichting 2025: masten 63 51 12 11
Totaal 13.367 2.575 5.866 4.926 4.926

Verbetering bereikbaarheid bedrijventerrein de Sleutel & Kleine Hoeve  
Het restantkrediet 2025 ad € 35.000 zal nog worden ingezet ten behoeve van de verdere voorbereiding van de aanleg van de verbindingsweg en waterberging Hoeven 26 en de aanpassing van Hallenstraat en Raambrug. De voorbereiding wordt samen met Reusel-De Mierden verder uitgewerkt richting de uitvoering. Dit restantkrediet zal bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Gepland groot onderhoud wegen 2024
Ten laste van het restantkrediet van € 308.000 zijn in 2025 Klimaatmaatregelen fase 3 Hoogeloon (Hoofdstraat, Breestraat en Dijkstraat), Hemelrijken/Kerkstraat in Casteren en het Gepland Groot Onderhoud (GGO) afgewikkeld.

 Gepland groot onderhoud wegen 2025
Voor de uitvoering van het gepland groot onderhoud 2025 is een krediet van € 1.656.000 beschikbaar gesteld. Dit krediet is onder andere ingezet voor Hemelrijken/Kerkstraat in Casteren en Dorpsstraat Casteren. Diverse projecten in voorbereiding (o.a. “Herinrichting Netersel Noord” en uitvoering programma verkeersvisie waaronder de Westerbeersedijk) en het uitgesteld GGO asfaltprogramma zullen ten laste komen van het restantkrediet GGO 2025. Het restantkrediet 2025 € 1.408.000 zal bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

Voorbereiding herinrichting N284
In 2025 is een krediet van € 136.000 ter beschikking gesteld. Daarnaast was een restantkrediet van € 65.000 ter beschikking. Het restantkrediet ultimo 2025 ad € 154.000 zal bij de jaarrekening worden overgebracht naar het dienstjaar 2026 en worden ingezet voor de verdere uitwerking van het Voorlopig Ontwerp 2026 inclusief de ruimtelijke gevolgen.

 Herinrichting Markt Bladel
Voor de bouwvakvakantie 2025 zijn de werkzaamheden aan de buitenruimte van de Markt in Bladel opgeleverd. De opleverpunten en openbare verlichting zijn eind 2025 afgerond. Hiermee kan het krediet met een onderschrijding van € 7.000 financieel worden afgewikkeld.

 Verbindingsweg en waterberging Hoeven 26
Voor het aandeel van de gemeente Bladel in de aanleg van een nieuwe verbindingsweg tussen bedrijventerrein De Sleutel en Kleine Hoeve (Reusel) is in 2022 krediet van € 270.000 beschikbaar gesteld. Daarnaast is een krediet beschikbaar gesteld voor de aanleg van een waterbergingsgebied nabij Hoeve 26 te Reusel (programma volksgezondheid en milieu). Met de voorbereiding hiervan is medio 2023 gestart. De uitvoering van de werkzaamheden wacht nog op de benodigde omgevingsplanprocedure. In afwachting daarvan wordt het restantkrediet voor een bedrag van € 203.000 bij de jaarrekening 2025 overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Uitvoeren Verkeersvisie 2024
Het restantkrediet voor de uitvoering van de verkeersvisie 2024 ad € 1.262.000 is voornamelijk ingezet voor het project Burgemeester van Woenseldreef / de Lemel. Het restantkrediet kan met een overschrijding van € 6.000 financieel worden afgewikkeld.

 Uitvoeren Verkeersvisie 2025
Voor de uitvoering van de verkeersvisie 2025 is een krediet ad € 1.430.000 ter beschikking gesteld. Binnen deze visie hebben we in 2025 het project Burgemeester van Woenseldreef afgerond. Daarnaast zijn we gestart met de uitvoering van het project Casterseweg in Hoogeloon en de Fons van der Heijdenstraat in Netersel.

Het restantkrediet voor een bedrag van € 22.000 en het restant subsidie (Rijk) voor een bedrag van € 60.000 zullen overgebracht worden naar dienstjaar 2026 voor de uitvoering van het project Netersel Noord en toegevoegd worden aan het krediet uitvoeren verkeersvisie 2026.

 Aanpassing omgeving De Vest  
Het restantkrediet ultimo 2025 ad € 40.000 zal bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026 en worden ingezet voor de herstelkosten van de omgeving na de oplevering van de uitbreiding van basisschool De Vest te Hoogeloon.

 Woonrijp maken Kerkeneind
In de najaarsnota is een krediet van € 339.000 ter beschikking gesteld voor het laatste deel van het woonrijp maken van het plan Kerkeneind. Het restantkrediet 2025 € 339.000 zal bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026 t.b.v. de realisatie in 2026.

Verbreden fietspaden Cartierheide
Eind 2025 hebben we de aanbesteding voor fase 1 (zuidwestelijke gedeelte v.d. Cartierheide) doorlopen en de werkzaamheden opgestart. Er zijn enkele kosten gemaakt met betrekking tot de opstart van het project. De daadwerkelijke fysieke start is gemaakt in januari 2026, waardoor de kosten voor 2025 minimaal zijn.

Bij de najaarsnota 2025 is de te ontvangen subsidie voor dit project bijgesteld overeenkomstig de ingediende verantwoording bij de Regiodeal. De financiële afrekening hiervan zal in 2026 plaatsvinden.

Het restantkrediet ad € 1.000.000 zal worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Fietspaden Dominépad en Broekenseind
Voor de realisatie van de fietsverbindingen aan het Dominépad en Broekenseind te Hoogeloon is bij de Perspectiefnota 2025 een krediet van € 1.575.000 beschikbaar gesteld. Een deel van de kosten zijn te relateren aan werkzaamheden aan de rijbaan van het Dominépad, zodat deze kosten voor een bedrag van € 225.000 gedekt zullen worden uit het krediet Gepland Groot Onderhoud wegen (GGO).

Er is een voorlopig ontwerp voor beide fietspaden. De grondverwerving welke benodigd is voor het aanleggen van het fietspad Dominépad zal naar verwachting in Q1 2026 gereed zijn. De voorbereiding zal in 2026 vermoedelijk starten. De grondverwerving Broekenseind zal naar verwachting in Q2 2026 gereed zijn waarna de voorbereiding in Q3 2026 verder opgepakt zal worden.

Het restantkrediet ad € 1.575.000 en restant rijkssubsidie ad € 273.000 zullen worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

Herinrichting Sniederslaan
Het voorbereidingskrediet voor de herinrichting van de Sniederslaan van € 80.000 is voor een bedrag van € 39.000 ingezet. Het restantkrediet van € 41.000 zal worden overgebracht naar dienstjaar 2025.

 Herstructurering Koolbogt
Voor de herinrichting van de omgeving van de Koolbogt in Bladel is bij de Perspectiefnota 2024 een krediet van € 1.215.000 beschikbaar gesteld voor de uitvoering. Deze heeft in 2025 grotendeels plaats gevonden.

Het restantkrediet 2025 ad € 40.000 zal bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026 voor de afwikkeling van het project.

 Vervanging openbare verlichting 2024
Het restantkrediet ad € 33.000 is in 2025 ingezet voor openbare verlichting Hemelrijken Casteren en herinrichting Marktgebied Bladel, zodat het restantkrediet afgewikkeld kan worden bij de jaarrekening 2025.

 Vervanging openbare verlichting 2025 
De kredieten 2025 voor de vervanging van de openbare verlichting ad resp. € 58.000 (armaturen) en € 63.000 (masten) zijn in 2025 voor een bedrag van € 51.000 ingezet ten behoeve van vervanging armaturen/masten Hemelrijken Casteren en het vervangingsprogramma openbare verlichting 2025.

De resterende kredieten ad € 65.000 zullen worden overgeheveld naar het dienstjaar 2026 voor de afrekening openbare verlichting Oude Provincialeweg Hapert, Herinrichting Markt, bijplaatsten lichtmasten Wagenbroeken Casteren.

Toelichting Onderwijs

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Onderwijs

Excel-tabel

beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Uitbreiding basisschool de Vest Hoogeloon 2024 1.090 400 690
Onderwijsleerpakket uitbr. De Vest Hoogeloon 98 98 98
Het Palet: voorbereiding 102 102 102
Totaal 1.290 400 690 200 200

Omschrijving (toelichting)

 Uitbreiding basisschool en onderwijsleerpakket de Vest Hoogeloon
Voor de uitbreiding van basisschool de Vest en het daarbij behorende onderwijsleerpakket zijn oorspronkelijk kredieten van resp. € 1.090.000 en € 98.000 beschikbaar gesteld. Het restantkrediet is in 2025 volledig ingezet met bouwvoorschotten voor de uitbreiding van basisschool de Vest en zal in 2026 worden opgeleverd. Bij de jaarrekening 2025 kan dit krediet worden afgewikkeld. Het krediet voor het onderwijsleerpakket zal ingezet worden in 2026, waardoor restantkrediet bij de jaarrekening 2025 zal worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Het Palet: voorbereiding
Voor de uitbreiding van basisschool Het Palet is in 2025 een voorbereidingskrediet van € 102.000 ter beschikking gesteld. De voorbereiding zal in 2026 starten, zodat het restantkrediet van € 102.000 overgebracht zal worden naar dienstjaar 2026.

Toelichting Sport, cultuur en recreatie

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Sport, cultuur en recreatie
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Uitvoering groenstructuurplan 2023 150 90 60
Uitvoering groenstructuurplan 2024 150 105 45 45
Vervanging openbaar groen 2024 260 83 182 -5
Uitvoering groenstructuurplan 2025 150 150 150
Vervanging openbaar groen 2025 260 137 123 123
LUWA-toren Bladel: renovatie 50 50 50
Verduurzaming sportpark De Lemelvelden 184 184 184
Verduurzaming sportpark De Roetweijer 31 31 31
Sportpark de Roetweijer: renovatie dak KV Klimroos 14 14 14
Sportpark de Roetweijer: verv. Install. KV Klimroos 53 53 53
Herontwikkeling sportpark Casteren 1.614 15 884 715 714
Vervanging installaties sporthal Eureka 160 52 108 108
Verduurzaming sporthal Eureka (ivm MFA) 277 277 277
Fusie korfbalvereniging Hapert Hoogeloon: nieuwbouw 908 13 732 163 163
Fusie korfbalvereniging Hapert Hoogeloon: verbouwing 303 248 55 55
Sportp de Lemelvelden: renovatie tennis/ korfbal 35 35 35
Sportp de Smagtenbocht: renovatie tennispaviljoen 42 42 42
Sportp de Smagtenbocht: herinr. 2025/ nog splitsen 2.836 133 2.703 2.703
Herinr Smagtenbocht: Nieuwbouw ONA St Jorisgilde 1.029 23 1.006 1.005
Herinr Smagtenbocht: grondkosten ONA St Jorisgilde 301 301
Nieuwbouw kleedlokalen de Smagtenbocht 1.712 7 13 1.692 1.692
Nieuwbouw kantine de Smagtenbocht 1.080 2 11 1.067 1.067
Vervanging veldafrastering hekwerken sportvelden 15 15
Aankoop voormalig kantinegebouw Smagtenbocht 315 315 315
Opstallen nieuw hoofdveld VV Netersel 15 15
Herbest korfbalacc sportpark Hoogeloon voorber 125 125 125
Multifunct acc binnenzwembad 500 241 259 259
Verplaatsing revisie evenementenkast watermeetput 64 64 64
Vervanging speeltoestellen 2025 113 84 29 29
Totaal 12.746 262 3.184 9.300 9.303

 Uitvoering groenstructuurplan 2023
In 2025 is het restantkrediet uitvoering groenstructuur 2023 voor een bedrag van € 60.000 deels ingezet voor plantvakken De Lemelvelden Hapert en groenvoorziening ten behoeve van Klimaatmaatregelen 3e fase Hoogeloon. Het restantkrediet kan bij de jaarrekening 2025 worden afgewikkeld.

 Uitvoering groenstructuurplan 2024Voor de uitvoering van het groenstructuurplan is in 2024 een krediet van € 150.000 beschikbaar gesteld. Het krediet is in 2025 voor diverse projecten ingezet, waaronder plantwerkzaamheden ten behoeve van de herinrichting Oude Provincialeweg Hapert. Het restantkrediet ad € 45.000 zal daarom worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Uitvoering groenstructuurplan 2025
Voor de uitvoering van het groenstructuurplan is in 2025 een krediet van € 150.000 beschikbaar gesteld.

Diverse werkzaamheden zoals Herinrichting Dorpsstraat Casteren en herinrichting Lemel Hapert zou in 2025 uitgevoerd, maar zijn wegens weersomstandigheden in Q1 2026 uitgevoerd.

Het krediet 2025 ad € 150.000 zal daarom worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Vervanging openbaar groen 2024
Een restantkrediet ad € 177.000 is beschikbaar gesteld in 2025 en is o.a. ingezet voor het vervangen van bomen in de kern van Hapert en het buitengebied en voor de herinrichting groen van de buitenruimten Bruis. Het krediet kan met een overschrijding van € 4.000 worden afgewikkeld bij de jaarrekening 2025.

 Vervanging openbaar groen 2025 
Voor de vervanging van openbaar groen is in 2025 een krediet van € 260.000 beschikbaar gesteld. Dit krediet is gedeeltelijk ingezet voor het planten van bomen op diverse locaties. Het restantkrediet ad € 123.000 zal worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

  Luwa-toren Bladel 
Voor de renovatie van de LUWA-toren is in 2024 een krediet van € 50.000 beschikbaar gesteld. De uitvoering van de renovatie is afhankelijk van de uiteindelijke keuze voor de locatie van deze toren in relatie met de ontwikkelingen rondom het uitvoeringsplan Egyptische Poort. Het krediet zal in afwachting hiervan bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

Verduurzaming en vervanging installaties gemeentelijke gebouwen 
De afgelopen jaren zijn diverse kredieten beschikbaar gesteld voor de verduurzaming, renovaties en de vervanging van technische installaties van de gemeentelijke gebouwen. Een aantal van deze investeringen hebben door zowel interne als externe oorzaken de nodige vertraging opgelopen. De uitvoering hiervan is afhankelijk van bestuurlijke besluitvorming en nadere prioritering van werkzaamheden binnen het gemeentelijk gebouwenbeheer. Op dit moment resteren voor de betreffende projecten onderstaande (restant)kredieten met bijbehorende resterende ramingen voor SPUK-uitkeringen. Deze kredieten zullen in afwachting van nadere besluitvorming worden overgebracht naar het dienstjaar 2026. Het betreft de volgende investeringen:

·         Renovatie dak KV Klimroos sportpark De Roetwijer | € 14.000

·         Renovatie dak sportpark De Lemelvelden | € 35.000 

·         Renovatie dak sportpark De Smagtenbocht | € 42.000

·         Vervanging installaties sporthal Eureka | € 108.000

·         Vervanging installaties korfbal Klimroos De Roetwijer | € 53.000

·         Verduurzaming sportpark De Lemelvelden | € 184.000

·         Verduurzaming sportpark De Roetwijer | € 31.000

·         Verduurzaming sporthal Eureka (i.v.m. MFA) | € 277.000

 Herontwikkeling sportpark Casteren (+technische installaties) 
Voor de herontwikkeling van sportpark Casteren en de technische installaties is oorspronkelijk een totaalkrediet van € 1.614.000 beschikbaar gesteld.

De oplevering van de nieuwbouw is voorzien in maart 2026. Daarna zal sloop van de oudbouw plaatsvinden en de omgeving van de nieuwbouw worden ingericht. Het betreffende restantkrediet zal worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

 Fusie korfbal Hapert en Hoogeloon
Voor de nieuwbouw en verbouw ten behoeve van de fusie korfbalvereniging Hapert-Hoogeloon is oorspronkelijk een totaalkrediet van € 1.210.000 beschikbaar gesteld.

De (inrichting van de omgeving van de) nieuwbouw van korfbalvereniging KVC is eind 2025 opgeleverd. Omdat vrij snel daarna het winterseizoen aanbrak en het korfbalgebeuren dan een aantal maanden binnen plaatsvindt (in de sporthal), is nog maar beperkt gebruik gemaakt van deze nieuwe voorziening. Dat gaf ruimte om in de winterperiode de laatste opleverpunten af te werken en de vereniging de tijd om haar deel (kantine en bijruimten) gereed te maken. Daartoe zal het restantkrediet overgebracht worden naar 2026.   

  Opstallen nieuw hoofdveld VV Netersel
In 2025 is een krediet van € 15.000 ter beschikking gesteld voor de opstallen. Dit krediet is in 2025 volledig ingezet, waardoor het bij de jaarrekening 2025 kan worden afgewikkeld.

Herbestemming korfbalaccommodatie sportpark Hoogeloon 
In 2025 is een krediet van € 125.000 ter beschikking gesteld voor het nieuwe ( multifunctionele ) gebruik van de voormalige korfbalaccommodatie. Er zijn plannen voor een herbestemming van zowel het gebouw als de velden. Samen met een vertegenwoordiging van ( het verenigingsleven van de gemeenschap ) Hoogeloon, is een visie opgesteld. Eind 2025 is overleg gevoerd over de selectie en combinatie van ingebrachte ideeën en het kostenplaatje. In 2026 komt daar definitief uitsluitsel over en wellicht kan al uitvoering worden gegeven aan (onderdelen van) het totaalplan. 

Het restantkrediet van € 125.000 zal overgebracht worden naar het dienstjaar 2026.

  Vervanging veldafrastering hekwerken sportvelden
In 2025 is een krediet van € 15.000 ter beschikking gesteld, dat volledig in 2025 is ingezet voor de veldafrastering op het sportpark Netersel. Het krediet kan bij de jaarrekening 2025 worden afgewikkeld.

Herinrichting Smagtenbocht
Voor de stand van zaken van dit project wordt verwezen naar de paragraaf monitor majeure projecten. Onderstaande kredieten zullen worden overgebracht naar 2026.

  1. Onderdeel

Beschikbaar in 2025

Uitgaven 2025

Overbrengen naar 2026

  1. Herinrichting Smagtenbocht

€ 2.836.000

€ 133.000

€ 2.703.000

  1. Nieuwbouw kleedlokalen

€ 1.705.000

€ 13.000

€ 1.692.000

  1. Nieuwbouw kantine

€ 1.077.000

€ 10.000

€ 1.067.000

  1. Aankoop voormalig kantinegebouw

€ 315.000

€ 0

€ 315.000

  1. Verplaatsing St. Jorisgilde

€ 1.028.000

€ 23.000

€ 1.005.000

  1. Grondkosten

€ 301.000

€ 301.000

€ 0

Voor het onderdeel Herinrichting Smagtenbocht zijn in 2025 kosten gemaakt voor de aanleg van padelbanen en kosten voor de technische voorbereiding van de korfbal- en beachvelden. De kosten voor kleedlokalen en kantine zijn ontwerpkosten voor het verenigingsgebouw. De kosten voor de verplaatsing van het gilde zijn plan- en ontwerpkosten voor de schutterslocatie. De vermelde grondkosten betreft de inbreng van het perceel waar de schutterslocatie komt (eerder aangekocht onder anticiperende verwerving).

Binnenzwembad en zwemvijver
Op 10 juli 2025 besloot de gemeenteraad te kiezen voor de realisatie van een binnenzwembad bestaande uit een 4-baans wedstrijdbad, 250m2 recreatiewater (1x 150 m2 doelgroepenbad met beweegbare bodem), 100 m2 peuterbad met peuterhoek, ruime perrons, whirlpool, interactieve recreatie elementen (glijbaan, fonteinen), familieglijbaan, 2 middelgrote sauna’s met rustruimte (sauna en stoomcabine) en een goede horecavoorziening voor binnen en buiten. Dit in combinatie met een zwemvijver, ligweide, strand, kinderspeeltoestel en half verhard pad om de vijver. De gemeenteraad stelde hiervoor een krediet van € 18.494.000 beschikbaar. In 2025 is het eerste deel van € 500.000 beschikbaar gesteld voor uitgaven. In 2025 is een bedrag van € 241.000 besteed. Dit bedrag betreft kosten van de projectleider en adviseurs. Het restant van € 259.000 zal worden overgebracht naar 2026. In 2026 is tevens het tweede deel € 500.000 beschikbaar voor uitgaven. 

 Verplaatsing revisie evenementenkast watermeterput
In 2025 is een krediet van € 64.000 ter beschikking gesteld voor het vernieuwen van evenementenkasten en waterputten op de Markt in Bladel. I.v.m. voorbereiding en planning Brabant Water en Enexis zal het restantkrediet van € 64.000 zal overgebracht worden naar dienstjaar 2026 voor de uitvoering in Q2 2026.

 Vervanging speeltoestellen 2025
Het krediet van € 113.000 dat in 2025 ter beschikking is gesteld, is voor € 84.000 ingezet voor de vervanging van diverse speeltoestellen. In Bladel hebben er grote vervangingen plaatsgevonden bij de speelvoorzieningen aan de Felix Timmermanslaan, de Wielewaal en Den Hof. In Hoogeloon zijn er speeltoestellen vervangen bij het speeltuintje aan de Maalderij en aan de Koebosakkers. Ook in Hapert zijn er speeltoestellen vervangen, namelijk aan de Venbroek en de Lakenvelder. In Casteren hebben bij de Durkijk en Het Nieveld vervangingen plaatsgevonden en in Netersel is er een pingpong tafel vervangen.

Het restantkrediet 2025 ad € 29.000 zal voor het grootste gedeelte ingezet worden voor de vervanging van de doeltjes (in de vorm van een nieuwe pannakooi) aan het Beemke in Netersel en daarom worden overgebracht naar het dienstjaar 2026.

Toelichting Sociaal domein

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Sociaal domein
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Realisatie MFA Hapert 20.189 19.762 23 404 129
BRUIS 23.464 20.775 2.678 11 10
Realisatie inspiratiepunt Bladel 254 14 218 22 22
Verduurzaming MFA De Poel Netersel 2025 44 44 44
Verduurzaming MFA D'n Anloop Hoogeloon 2025 37 37 37
Totaal 43.988 40.551 2.919 518 242

Realisatie MFA Hapert
Eind 2023 is met een raadsmededeling eindverslag gedaan van het project MFA-Hapert. Uiteindelijk is bij de jaarrekening 2023 een bedrag van € 275.000 van de uitgaven financieel afgewikkeld (voordeel). Een bedrag van € 181.000 is in depot gehouden en overgebracht naar 2024 voor de afwikkeling van kosten met de aannemer en het gemeentelijk aandeel in de aanpassingskosten van de akoestiek met betrekking tot de onderwijsruimten. Bij de najaarsnota 2025 is voor de aanpassingen van de onderwijsruimte Het Palet een afzonderlijk krediet beschikbaar gesteld. Per eind 2025 resteert er een restantkrediet van € 129.000 voor de MFA Hart van Hapert. Er zijn tekortkomingen aan de vloer in de grote zaal geconstateerd, waarover afstemming met de aannemer plaatsvindt (verhaal / garantie ). Vanwege de aanbestedingsvorm Engineer en Construct is niet exact bepaald welke vloer er moest komen, maar wel welke kwaliteit, eigenschappen, dikte en dat soort zaken. De aangebrachte vloer blijkt niet aan die criteria te voldoen. Voor het geval dat verhaal/garantie niet mogelijk blijkt, wordt voorgesteld nog één keer het restantkrediet over te hevelen naar 2026.

BRUIS
Voor de realisatie van BRUIS is een totaalkrediet van € 23.463.000 (excl. buitenruimte) beschikbaar gesteld. De bouw is op 1 april 2025 opgeleverd. In de daaropvolgende maanden hebben de verschillende verenigingen en gebruikers hun nieuwe huisvesting ingericht en is het gebouw stap voor stap in gebruik genomen. Per ultimo 2025 resteert er nog een restantkrediet van ca. € 10.000, wat wordt overgebracht naar 2026 voor de afwikkeling van de laatste kosten. De definitieve financiële afwikkeling zal in 2026 plaatsvinden.

Daarnaast staan er nog twee niet gerealiseerde inkomsten begroot bij de investering. Ten eerste moet nog een deel van de DUMAVA subsidie binnenkomen. De gemeente heeft in 2023 een voorschot van € 274.000 ontvangen. De vaststelling vindt plaats in 2026 en de gemeente ontvangt naar verwachting dan het resterende bedrag van € 117.000 (totale DUMAVA subsidie bedroeg € 391.000). Ten tweede staat er nog een bijdrage van de Bibliotheek van € 200.000 begroot.

Realisatie inspiratiepunt Visit
Bij de najaarsnota 2024 is een krediet van € 237.000 beschikbaar gesteld voor het inspiratiepunt Visit Bladel. De werkzaamheden zijn in 2025 grotendeels afgerond. De financiële afwikkeling van de subsidie van de Regiodeal vindt in 2026 plaats. Het restant uitgaven ad € 22.000 en inkomsten groot € 4.000 worden overgebracht naar dienstjaar 2026.

Verduurzaming MFA’s
In 2025 zijn voor de verduurzaming van MFA De Poel in Netersel een krediet van € 44.000 en voor de verduurzaming van MFA D’n Anloop in Hoogeloon een krediet van € 37.000 ter beschikking gesteld. De uitvoering hiervan is afhankelijk van bestuurlijke besluitvorming en nadere prioritering van werkzaamheden binnen het gemeentelijk gebouwenbeheer. De restantkredieten zullen overgebracht worden naar dienstjaar 2026.

Toelichting Volksgezondheid en milieu

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Volksgezondheid en milieu
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Ambulancepost GGD 3.552 2.438 1.114 117
Vervanging ondergrondse containers 75 75 75
Waterbergingsgebied nabij industrieterrein Bladel 464 464 464
Uitvoering GRP 2023: vervanging riolering 1.044 337 706 1
Uitvoering GRP 2024: klimaatmaatregelen 186 154 32
Uitvoering GRP 2024: vervanging gemalen 80 43 10 27 26
Uitvoering GRP 2024: vervanging riolering 1.559 59 238 1.262 1.261
Klimaatmaatregelen Netersel 2024 136 71 65 65
Klimaatmaatregelen Casteren 2024 676 226 440 10 10
Uitvoering GRP 2025: klimaatmaatregelen 532 396 136 136
Uitvoering GRP 2025: vervanging gemalen 80 80 80
Uitvoering GRP 2025: vervanging riolering 1.559 11 1.548 1.548
Klimaatbuffer Gagelvelden/ Kranenberg 138 28 110 110
Aankoop 2 perc klimaatbuffer Gagelvelden/ Kranenberg 52 54 -2
Totaal 10.133 819 4.424 4.890 3.892

Ambulancepost GGD 
Voor de voorbereiding van de realisatie van de ambulancepost op het Kempisch Bedrijvenpark is in 2024 een voorbereidingskrediet van € 132.000 beschikbaar gesteld. In 2025 is vervolgens een uitvoeringskrediet van € 3.420.000 beschikbaar gesteld voor de bouw van de ambulancepost. In 2025 is het voorbereidingskrediet administratief samengevoegd met het uitvoeringskrediet.

De werkelijke kosten voor deze investering zijn aanzienlijk lager uitgevallen dan oorspronkelijk geraamd. Per ultimo 2025 resteert er nog een onbenut krediet van € 1.114.000. Een bedrag van € 117.000 wordt overgebracht naar 2026, voor de afwikkeling van de laatste kosten (o.a. onderhoudstermijnen van de aannemer). Het restant van € 997.000 komt te vervallen. De werkelijke stichtingskosten van de ambulancepost worden verdisconteerd in de huurprijs richting de GGD. Dat betekent dat lagere werkelijke stichtingskosten hebben geresulteerd in een lagere huurprijs voor de GGD.

 Vervanging ondergrondse containers
Voor de vervanging van ondergrondse containers is in 2025 een krediet van € 75.000 ter beschikking gesteld. Op dit moment wordt de aanbesteding hiervan voorbereid. Het restantkrediet van € 75.000 wordt overgebracht naar dienstjaar 2026.

 Uitvoering GRP 2023
Het restantkrediet uitvoering GRP 2023 ad € 707.000 is met name ingezet voor de afwikkeling Klimaatmaatregelen Hoogeloon fase 3, bijdrage riolering Koolbogt en Herinrichting Markt Bladel. Het restantkrediet kan bij de jaarrekening 2025 worden afgewikkeld.

 Uitvoering GRP 2024
Het restantkrediet € 1.500.000 uitvoering GRP 2024 is onder andere ingezet voor Hemelrijken en Kerkstraat Casteren, Oude Provincialeweg Hapert en Netersel Noord. Het restantkrediet van € 1.261.000 zal bij de jaarrekening 2025 worden overgebracht naar het dienstjaar 2026 en ingezet worden voor diverse investeringsprojecten.

Het restantkrediet klimaatmaatregelen 2024 van € 378.000 is voornamelijk ingezet voor de projecten Klimaatbuffer Gagelvelden/Kranenberg en Klimaatmaatregelen Casteren. De restantkredieten voor deze projecten inclusief de dekking van de subsidie in het kader van de impulsregeling klimaatadaptatie zullen overgebracht worden naar 2026. Eveneens zal het restantkrediet van het project klimaatmaatregelen Netersel overgebracht worden naar dienstjaar 2026. De overige kredieten, aankoop percelen klimaatbuffer Gagelvelden/Kranenberg en klimaatmaatregelen 2024 kunnen worden afgewikkeld bij de jaarrekening 2025.

Het beschikbare restantkrediet € 36.000 vervanging gemalen is voor € 10.000 ingezet in 2025, waardoor het restantkrediet van € 26.000 overgebracht kan worden naar dienstjaar 2026.

 Uitvoering GRP 2025
Voor de uitvoering GRP 2025 is een krediet beschikbaar van € 2.170.000 voor de uitvoering van klimaatmaatregelen, vervanging gemalen en riolering. Het krediet is in 2025 ingezet voor diverse projecten in voorbereiding zoals Casteren-Zuid, Driehuis/ Hoogeind, voor onderzoek naar de raakvlakken N284 en riolering en uitvoering van projecten als verbetermaatregelen riolering in Hoogeloon en herinrichting Netersel-Noord (Fons van der Heijdenstraat). Dit betreft een bedrag van € 406.000. De restantkredieten, klimaatmaatregelen € 136.000, vervanging gemalen € 79.000 en vervanging riolering € 1.548.000, worden overgebracht naar dienstjaar 2026.

 Waterbergingsgebied nabij industrieterrein Bladel
Voor het project waterbergingsgebied nabij industrieterrein Bladel is een krediet van € 464.000 beschikbaar met een dekking van € 181.000 (subsidie provincie). Daarnaast is een krediet beschikbaar gesteld voor de aanleg van een verbindingsweg tussen de Hallenstraat en de N284 te Reusel (programma verkeer). Met de voorbereiding hiervan is medio 2023 gestart. De uitvoering van de werkzaamheden wacht nog op de benodigde omgevingsplanprocedure. In afwachting daarvan wordt het restantkrediet van € 464.000 en het restant subsidie van € 181.000 overgebracht naar het dienstjaar 2026.

Toelichting VHROSV

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting VHROSV
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Startersleningen 375 725 -350 -350
Anticiperende verwervingen 8.215 1.582 6.633 1.000
Aankoop woningen statushouders 709 477 167 65 65
Totaal 9.299 477 2.474 6.348 -350 1.065

Startersleningen
In 2025 was voor startersleningen een krediet van € 375.000 beschikbaar. In 2025 zijn fors meer leningen verstrekt dan in de jaren ervoor: 29 startersleningen zijn verstrekt voor een totaalbedrag van € 725.000. Het krediet voor 2025 is daarmee ruim overschreden met een bedrag van € 350.000. In de jaren 2022, 2023 en 2024 was juist sprake van een onderschrijding van het krediet. We monitoren of deze trend van 2025 zich doorzet in 2026 en of bijsturen nodig is. In 2026 is wederom een krediet van € 375.000 beschikbaar. Meer informatie is te vinden in bijlage 8.2 'evaluatie startersleningen'.

Anticiperende verwervingen
Voor grondaankopen die vallen onder anticiperende verwervingen is in 2025 een krediet van € 2.000.000 beschikbaar gesteld. Daarnaast was het restantkrediet van 2024 voor een bedrag van € 4.590.000 beschikbaar. In 2025 zijn Latestraat 12 in Netersel en de Castersedijk 4 in Hapert aangekocht. Per eind 2025 resteert er een krediet van € 5.008.000. In verband met de onzekerheid over mogelijk nog te verwerven anticiperende gronden dient het restant krediet voortvloeiend uit 2025 teruggebracht te worden naar het in de nota grondbeleid genoemde jaarlijks krediet van € 2.000.000 in 2026. Dit is gelegen in het feit dat de te verwachte anticiperende verwervingen in het onderhandelingsproces nog niet zijn opgestart of zijn komen te vervallen

Omdat bij de begroting 2026 reeds € 1.000.000 beschikbaar gesteld, wordt een bedrag van € 1.000.000 overgebracht van 2025 naar 2026. Een bedrag van € 4.008.000 komt bij deze jaarrekening te vervallen. In 2026 zal de Nota Grondbeleid worden geactualiseerd.

Aankoop woningen statushouders
Voor de aankoop van een nieuwbouwappartement binnen het project Kempenstede in de Kerkstraat te Hapert is in 2024 een krediet van € 409.000 beschikbaar gesteld. Het appartement is in december 2025 opgeleverd. Het restantkrediet ultimo 2025 ad € 65.000 wordt overgebracht naar het dienstjaar 2026 voor de kosten van afwerking van het appartement.

Toelichting Overhead

Terug naar navigatie - Toelichting op investerings- en projectbudgetten - Toelichting Overhead
beschikbaar uitgaven uitgaven restant overschr. over te
(bedragen x € 1.000,-) krediet t/m 2024 2025 krediet > € 50.000,- boeken
Vervangen installaties gemeentehuis 1.065 298 716 51
Revitalisering carillon gemeentehuis 82 36 47 -1
Opbouw en afbouw bedrijfsvoertuigen 120 120
totaal 1.267 334 763 170

Opbouw en afbouw bedrijfsvoertuigen
Voor de opbouw en afbouw van bedrijfsvoertuigen buitendienst (takelmaterieel) is in 2025 een krediet van € 120.000 beschikbaar gesteld. Vanaf 2026 zullen deze bedrijfsvoertuigen inclusief opbouw en afbouw geleased worden. Het krediet zal daardoor niet worden ingezet en zal bij de jaarrekening 2025 vrijvallen.

 Revitalisering carillon nabij gemeentehuis
Voor de revisie van de uurwerken, verlichting en de beide figurenomlopen en de reiniging en behandeling van de natuurstenen geveldelen is in 2024 een krediet beschikbaar gesteld van € 82.000. De werkzaamheden zijn afgerond in 2025. Het krediet wordt bij de jaarrekening 2025 financieel afgewikkeld.

 Vervanging warmte- en koelinstallatie en de luchtbehandelingskasten gemeentehuis
Voor de vervanging van deze installaties is een totaalkrediet van € 1.065.000 beschikbaar gesteld met een dekking van € 474.000 vanuit een DUMAVA subsidie. De gemeente heeft hiervan een voorschot van ca. € 332.000 ontvangen. Het restant van € 142.000 ontvangt de gemeente in 2026, indien de subsidie conform de aanvraag wordt vastgesteld. De werkzaamheden voor de investering zijn in 2025 opgeleverd. Het krediet kan met een onderschrijding van € 51.000 worden afgewikkeld.